HEEMKUNDEKRING
OP DE BEEK
PRINSENBEEK

Beeldbank Bibliotheek

   
 

Heemkundekring 'Op de Beek' Beeldbank Bibliotheek Zoekresultaat

Aantal gevonden publicaties : 4   (uit: 244)


Uitgebreid zoeken

Klik op publicatie voor vergroting en meer informatie

1. Boeknummer: 00020  
Cultuurhistorische Landschapsinventarisatie Gemeente Breda
Historie -- Erfgoed Breda           (2006)    [dr. K.A.H.W. Leenders]
Cultuurhistorische Landschapsinventarisatie Gemeente Breda. Erfgoedrapport Breda nr. 1

TEN GELEIDE
Weten waar je het over hebt. Eenieder die zo’n uitspraak hoort zal dat direct beamen. Soms tegen beter weten in. Natuurlijk zijn er sommige plannenmakers
en ontwerpers die doen alsof ze een tabula rasa in de schoot geworpen hebben gekregen, een leeg veld dat ze mogen bombarderen met doosjes van allerlei aard
en formaat. Maar ik wil niet geloven dat zij dat doen óndanks hun kennis van de historie van dat gebied. Het is wel makkelijk natuurlijk, net doen alsof alles wat
er ooit was geen waarde meer vertegenwoordigt; alsof het verleden geen enkele waarde heeft voor de toekomst.
Gelukkig is het tij aan het keren. Het Rijk probeert, via financiële middelen uit het Belvédère project, het verleden als aanknopingspunt aan te bieden voor mo-
derne ontwikkelingen. ‘Behoud dóór ontwikkeling’ wordt dat genoemd. En er zijn best veel projecten die Belvédère gelden mogen ontvangen, zodat mét dat geld
het verleden een plek krijgt in een nieuwe situatie. Laten we hopen dat het hier om een overgangsfase gaat; dat overeen aantal jaren het Rijk niet meer met een
vette geldbuidel hoeft te zwaaien om plannenmakers en projectontwikkelaars zover te krijgen dat ze überhaupt rekening houden met het verleden; dat er een
tijd komt waarin het verleden écht een rol krijgt in de ruimtelijke ordening.
Maar daar is wel wat voor nodig: kennis. De gemeente Breda is begonnen met een algehele inventarisatie van haar cultuurhistorisch erfgoed. Vóór 2010 willen
we echt weten welke gebouwen monument waardig zijn en willen we ook een beter inzicht te hebben in datgene wat vanuit een (heel) ver verleden aan onze bodem
is toevertrouwd en al datgene waarvan we nu niets meer merken. De bijdrage van dr. Karel Leenders kan dan ook nauwelijks overschat worden. Hij brengt in het
kader van dit ‘wetenschapsbeleid’ de inventarisatie van het cultuurhistorische landschap voor het voetlicht, waarbij en passant het historische landschap wordt
gereconstrueerd en bovendien wordt aangegeven wat er nog van de cultuurhistorische landschapselementen als relict bewaard is gebleven. Al deze gegevens
zijn niet alleen op schrift gesteld, maar ook op twee cd-roms op Gis-basis meegeleverd. Betekent dit nu dat de plannenmakers er met dit werk vandoor kunnen
gaan? Neen. Want Leenders geeft geen waarden oordelen. Hij zegt niet welk element belangrijker is en welk relict wel kan worden opgeruimd. Dat is een taak die
aan de beleidsmakers voor het erfgoed is voorbehouden. Eén ding staat echter als een paal boven water: zonder deze inventarisatie was die taak nauwelijks te
volbrengen. Want lang niet iedereen weet wat er allemaal (nog) is.
Johan Hendriks
Hoofd Bureau Cultureel Erfgoed
Vakdirectie Cultuur

Gemeente Breda. Vakdirectie Cultuur;  
 

2. Boeknummer: 00021  
Bredase akkers eeuwenoud
Historie -- Erfgoed Breda           (2004)    [Redactie o.l.v. C.W. Koot, R. Berkvens]
Bredase akkers eeuwenoud. 4000 jaar Bewoningsgeschiedenis op de rand van zand en klei. Rapportage Archeologische Monumentenzorg 102. Erfgoedstudies Breda nr 1. Met CD

Voorwoord
In Breda, dat bekend staat als de stad van de Nassaus, is nog veel historie in het stadsbeeld herkenbaar. Breda-West daarentegen is de laatste jaren door grootscha-
lige nieuwbouwprojecten en de aanleg van nieuwe infrastructuur als de HSL en de verbreding van de Al 6 volledig veranderd. Van oorsprong was dit gebied sterk
agrarisch. Het Bredase landschap was het resultaat van een eeuwenlang verfijnd samenspel tussen de boer, zijn dieren, de natuur en het milieu. In de twintigste
eeuw veranderde het landschap in een tuinbouwgebied en tenslotte in een bedrijventerrein. Namen als Steenakker, Huifakker, Emerakker en Kesteren, die al voor-
komen vanaf de Middeleeuwen, vertellen over het ontstaan en het gebruik van het landschap. En voor wie er nog oog voor heeft, geven deze namen blijk van een le-
vend verleden.

Het is de verdienste van Guido van den Eynde - van 1984 tot en met 2001 stadsarcheoloog van Breda - dat de opgravingen in een betrekkelijk korte tijdsspanne
zijn uitgewerkt en in boekvorm kunnen verschijnen. Toen er begin jaren negentig plannen waren om in Breda-West nieuwe bedrijventerreinen te ontwikkelen, greep
hij de gelegenheid aan om onderzoek te doen naar het bodemarchief in het buitengebied. Het gemeentebestuur toonde zich ten volle bewust van zijn verantwoorde-
lijkheid voor het Bredase culturele erfgoed door deze opgravingen mogelijk te maken. In een prijzenswaardige en enthousiaste samenwerking met talloze vrijwilli-
gers van binnen en buiten onze gemeente, met studenten van verschillende universiteiten en archeologen van onze eigen afdeling archeologie zijn de opgravingen
uitgevoerd. De zo vele handen die zijn uitgestoken om het onderzoek tot een goed resultaat te brengen, tonen aan dat geschiedenis leeft in onze gemeenschap.

De resultaten van het onderzoek waren boven verwachting. Archeologisch was er tot op heden weinig bekend over de vroegste bewoningsgeschiedenis van het weste-
lijk deel van de provincie Noord-Brabant. Deze kennislacune was vooral te wijten aan het tot voor kort vrijwel ontbreken van archeologisch nederzettingsonderzoek
in deze regio. De opgravingen in Breda-West, waarbij nederzettingssporen vanaf de Midden Bronstijd tot in de Late Middeleeuwen zijn aangetroffen, vormen een
eerste belangrijke aanzet voor de opvulling van deze gesignaleerde lacune en illustreren duidelijk het archeologisch potentieel van de regio. Dankzij de resultaten
van de opgravingen in Breda-West kan de kennis van de geschiedenis van Breda nu in één klap met meer dan 3000 jaar worden uitgebreid. Dit onderzoek stelt ons
in staat om een boeiend inzicht te geven in het leven van zijn bewoners vanaf de prehistorie tot in de Late Middeleeuwen. De betekenis daarvan reikt tot ver buiten
de grenzen van onze gemeente. Negen jaar na het begin van de opgravingen in de omgeving van het NAC-stadion op Emerakker is het tijd voor een publicatie over
de archeologische vondsten die in Breda-West zijn gedaan.

De grootschalige nieuwbouw en infrastructuur in het westen van Breda betekenden een forse aantasting van het oude cultuurlandschap. De archeologische begeleiding
hiervan vormde enerzijds een enorme uitdaging voor de archeologische monumentenzorg en anderzijds een mogelijkheid om de achterstand in de archeologische ken-
nis over de bewoningsgeschiedenis van West-Brabant in te lopen. Het werk is echter nog niet af. Op sommige plaatsen kan en moet nog verder onderzoek worden ver-
richt. Dat vraagt tijd, geld en energie. Op andere plaatsen is het mogelijk om het archeologisch erfgoed te behouden en te beschermen, zodat het als een bron van
kennis bewaard blijft. Daarnaast dient een zichtbaar en herkenbaar verleden ook als bron van inspiratie en is het een reden om trots op te zijn voor de mensen die
er nu wonen en werken. Het verrassend rijke bodemarchief dat tevoorschijn is gekomen tijdens de opgravingen, vraagt om een coherente visie voor het onderzoek
van bedreigde vindplaatsen in de toekomst. Daarbij dienen beheer en onderzoek binnen een regionaal kader te worden geplaatst waarbij het cultuurlandschap het
uitgangspunt is.

Dit boek is ook een blijk van de rijke geschiedenis van Breda en het maakt onze gemeente nog meer tot een bijzondere woonplaats met een bijzonder karakter. Ik
wens U veel genoegen bij het lezen van deze belangwekkende publicatie die hopelijk gevolgd zal worden door een vervolgpresentatie van de resultaten van het ver-
dere archeologische onderzoek in onze gemeente. De geschiedenis van Breda-West en de mensen die er geleefd hebben is hierbij vastgelegd. Dat is van belang voor
hen die al tijden hier wonen, maar ook voor alle nieuwkomers. Het biedt een mogelijkheid om zich hier verder thuis te voelen.

Drs. A.C.A.M. Adank
Wethouder Economische zaken, Cultuur en Grondbedrijf, gemeente Breda

Gemeente Breda Breda/Rijksdienst voor het Oudheidkunidg bodemonderzoek;  
 

3. Boeknummer: 00087  
Collecties verzameld. Inventarisatie collecties Heemkundekringen NB (met portret van Ad van Melis)
Historie -- Erfgoed Breda           (2011)    [M. Brederoo, S. Ticheloven]
Collecties verzameld. De Erfgoedmonitor.
Voorwoord
Vaak worden ideeën voor projecten in huis of achter een bureau geboren. Vervolgens is het
een hele uitdaging om zo’n project dan in het veld uit te gaan zetten. In het geval van het
project Erfgoedmonitor heeft die uitdaging een bijzonder tintje gekregen, omdat we voor het
eerst heemkundekringen hebben benaderd met vragen rondom hun collecties. Zouden die
Brabantse kringen eigenlijk wel willen meedoen?
Die koudwatervrees is volledig weggenomen door de vaak hartverwarmende reacties die de
projectmedewerkers te velde kregen. Zij voelden zich gedurende het project overal bijzonder
welkom. De respons van de heemkundekringen was groot en daarmee is het project
Erfgoedmonitor eigenlijk op voorhand al geslaagd. De aandacht die vanuit Erfgoed Brabant
aan de collecties van de heemkundekringen is besteed, is als buitengewoon positief ervaren,
zo blijkt uit de inventarisatie. Hoewel er niet altijd direct winst op korte termijn valt te
behalen, voelen vele heemkundigen zich duidelijk gehoord en gekend. De inventarisatie heeft
een duidelijk toenemend bewustzijn van hun rol in de samenleving teweeggebracht.
Graag wil ik iedereen bedanken voor de bereidwillige medewerking aan het welslagen van
het project Erfgoedmonitor. Een kijkje in de keuken van de heemkundekring heeft bruikbare
recepten voor de toekomst opgeleverd!
Een speciaal woord van dank gaat uit naar projectleider Monique Brederoo en haar
veldmedewerkers Sabine Ticheloven en Maurice Wery.
Patrick Timmermans,
Directeur Erfgoed Brabant

Erfgoedmonitor.;  
 

4. Boeknummer: 00116  
Mensen uit de kringen van Brabants Heem. De Heemkinderen, deel 1
Historie -- Erfgoed Breda           (2004)    [Cees Slegers]
Mensen uit de kringen van Brabants Heem. De Heemkinderen, deel 1

Inleiding
‘Delven wij waar wij staan, want waar wij staan is Klondyke.’
Deze regel van Gerard Bruning werd gebruikt door een van de founding fathers van de
heemkunde in Brabant, de norbertijn dr. Hugo Heijman, archivaris en bibliothecaris van
de abdij van Berne in Heeswijk, in zijn toespraak voor het Provinciaal Genootschap voor
Kunsten en Wetenschappen in 1941 in ’s-Hertogenbosch. Met de verwijzing naar het
Amerikaanse gouddelversstadje in Alaska bedoelde Bruning dat je het geluk niet te ver
moet zoeken; begin maar te graven waar je staat.'
Hoewel het graven en de archeologie in de begintijd van Brabants Heem een voorname
plaats innam, wilde men toch van het begin af aan duidelijk maken dat heemkunde meer
was dan archeologie. Het zou de kennis van het heem in al zijn aspecten moeten zijn. De
archeologie, de natuurlijke historie, de relicten van de vroegste bewoners, de volksge-
bruiken en de kunst, de monumenten, de geografie, de taal, de toponiemen, de genealogie
en de geschiedenis van de bewoners van een bepaalde stad, dorp of regio vormden de ob-
jecten voor de heemkundigen. Omdat niemand dit hele scala kan omvatten, waren er in
de heemkunde altijd veel specialisten. Toch waren er ook steeds mensen, die door een
tomeloze nieuwsgierigheid gedreven, alles van hun regio wilden weten.

Kempen Uitgevers Zaltbommel;  
 

 

Uitgebreid zoeken

Laatste wijziging binnen getoonde publicaties: 22 november 2021