HEEMKUNDEKRING
OP DE BEEK
PRINSENBEEK

Beeldbank Bibliotheek

   
 

Heemkundekring 'Op de Beek' Beeldbank Bibliotheek Zoekresultaat

Aantal gevonden publicaties : 69   (uit: 485)

Getoond wordt publicatie : 1 t/m 30


Uitgebreid zoeken

Zoekresultaat verdeeld over 3 pagina's, met elk (max.) 30 publicaties:

1   2   3       Volgende       Eind

Klik op publicatie voor vergroting en meer informatie

1. Boeknummer: 00140  
Kasteel Boschdal. Bolwerk van Beeks verzet
Oorlog -- Tweede Wereldoorlog, Prinsenbeek           (2013)    [Rinie Maas]
Kasteel Boschdal. Bolwerk van Beeks verzet
Dit boek is via deze link verkrijgbaar in de winkel van Heemkundekring Op de Beek.

VOORWOORD AD VAN MELIS VOORZITTER HEEMKUNDEKRING OP DE BEEK
Bij de research ten behoeve van zijn vorige boek over het drama op de Vloeiweide stuitte schrijver Rinie Maas regelmatig op de relatie met de ondergrondse in Beek. Dat was voor hem aanleiding
om alle verhalen die hierover de ronde deden te bundelen en te analyseren en, waar nodig en mogelijk, met elkaar te verbinden. Het leverde zeer verrassende onthullingen en conclusies op en
resulteert in dit boek met nader onderzochte maar vooral ook onbekende verhalen waarbij alle geheimen ontsluierd worden. Niet kon worden vermoed dat Boschdal als bolwerk van het Beekse verzet
zelfs ook landelijk in zijn soort een unicum is geweest.
Het landgoed Boschdal heeft in de loop der tijd verschillende functies gehad. Na een aantal jaren hockeyaccommodatie te zijn geweest is het nu een prachtige golfbaan, waar het goed toeven is.
Eens was het echter een fraai landgoed met een sierlijk landhuis oftewel in de volksmond: een kasteel.
Over dit in 1946 gesloopte kasteel is in het verleden al menigmaal geschreven. Dat is ook niet zo verwonderlijk want dit landgoed heeft een opmerkelijke historie zoals u in dit boek zult merken.
Naast de min of meer bekende lotgevallen van de daar in de tweede helft van de 19e eeuw wonende familie van Alvay Rengers-van Bijlandt, waren er echter ook al jarenlang geruchten over
de gebeurtenissen die zich daar en in ons dorp in de Tweede Wereldoorlog, kort voor de bevrijding van Beek op 30 oktober 1944, afspeelden. Maar men wist er vaak het fijne niet van.
Daar komt nu met dit boek een einde aan.
Tevens getuigen de verhalen van de bekende gemeenschapszin van Prinsenbeek. Die is dus niet alleen van deze tijd, maar blijkbaar altijd al aanwezig geweest. En zeker in moeilijke tijden komt
deze mooie Beekse eigenschap zeer van pas.
Oorlog en verzet vragen immers veel van mensen, zeker waar het op elkaar vertrouwen en kunnen steunen aankomt. Dit boek verhaalt over bijzondere gebeurtenissen die van alledaagse mensen bijzondere
mensen maakten en hen tot daden brachten die ieders respect verdienen.
De heemkundekring is erg verheugd over het initiatief van Rinie Maas om het oorlogsverleden van het landgoed Boschdal en het dorp Beek in een boek vast te leggen. Hij is als geen ander daartoe
in staat vanwege zijn vermogen om mensen te enthousiasmeren en te motiveren om hieraan mede te werken. Samen met zijn vlotte, toegankelijke en intrigerende schrijfstijl heeft dit geleid tot
een zeer lezenswaardig en uniek boek.
Hiermee is wederom een waardevolle nieuwe stap gezet op de eindeloze weg van de geschiedschrijving van ons dorp en het invullen van de open plekken daarin.
De dank van het bestuur van de heemkundekring Op de Beek en zeker ook van alle lezers gaat uit naar de schrijver en al degenen die hem hun medewerking gegeven hebben.
Speciaal willen wij iedereen bedanken die voor dit boek hun - vaak persoonlijke - verhalen en ervaringen met ons wilden delen.
Prinsenbeek, 26 september 2013
Ad van Melis
Voorzitter Heemkundekring Op de Beek


OORLOGSGEHEIM VAN BEZET DORP VAN DE SCHRIJVER
Dit boek 'Oorlogsgeheim van bezet dorp', vervolg op 'Brabants oorlogsdrama Vloeiweide', schrijf ik niet voor de mooiigheid; noch voor de wetenschap al moet die cultureel wel haar eigen
plaats worden toegekend, noch voor welk andere (elitair) literair doel ook. In het boek schrijf ik Boschdal, het kasteel dat in het laatste oorlogsjaar 1944 een hoofdrol vervult als een knooppunt
van verzet, consequent met "sch" omdat het in de tijd van haar bestaan zo gespeld wordt. Het roept sfeer op, zo'n woord. Verder heb ik niets te verantwoorden. Ik schrijf dit boek 'Oorlogsgeheim van
bezet dorp' namelijk door verwondering en verbazing en door naarstig gezochte en opgedane kennis. Ik ken de oorlogstijd op Beek allereerst uit mijn jeugdjaren en vooral door verhalen van
mijn hooggeachte en lieve ouders Willem Maas en Rika van der Westen als ook van mijn opa en oma's, mijn vele ooms en tantes en bekenden uit mijn jongelingentijd en door overlevering.
Honderden keren heb ik ze geboeid gehoord.
Ik heb er in dit boek niettemin een uiterst selectief en spaarzaam gebruik van gemaakt. Ik heb vooral de Bekenaren zélf, aan de hand van vele in terviews, met de onontbeerlijke steun van Janus
Jochems, Wim Spapens en Frans Dikmans, laten vertellen, zoals het een chroniqueur betaamt. Als ik zelf aan Beek denk dan herinner ik me als kind de zon en de maan, de hemellampen die nergens
mooier konden zijn dan daar, de molen aan het Moleneind, het geheimzinnige Liesbos, de eindeloos groene weilanden langs de Bredestraat, het zindelijke dorpje met zijn prachtige Markt;
zijn immer geschrobde stoepen, de overal koerende duiven, de pastoor en zijn kapelaans met hun zwarte soutanes uit het interbellum gestapt, de bel van de koster en knielende mensen omdat
ons Heer voorbijging voor bediening en berechting. De gedachte aan al die gemoedelijke mensen en hun stervenden, die in hun laatste uren intense bijstand krijgen van de buurt, ontroert me
nog altijd en Beek is in de dienst aan een ander Beek gebleven. Ik hoor de welluidende namen bij ooms en tantes over Kèsje Gommeren, Tinus Taks en Jan de Kopere. Over de oorlog hebben mijn
vader en moeder spannende maar ook liefelijke dingen verteld. Waarvan zuinig gebruik gemaakt is door mij.
Ik zag in de jaren na de oorlog op het vredige Beek overal onschuld en zo was het ook in de jaren daarvoor. Ik vraag me in gemoede af, na anderhalf jaar onderzoek en schrijven en herschrijven,
nu alles is voltooid, of de Duitsers het september 1944 ook niet zo gezien hebben? Het is - zeg ik meteen - niet waar; het is totaal niet waar; het is ook helemaal niet het verhaal dat ik u vertel maar
het is bijna voorstelbaar dat het Duitse leger, dat niet de moed had om tijdig tegen Boschdal, bolwerk van Beeks verzet, op te treden, door dit vredelievende en bij uitstek Brabantse dorpje
bedwelmd en betoverd is geraakt. Het is een hypothese met héél véél dichterlijke vrijheid. Als een welgemeende ode aan mijn geboortedorp après la lettre.
De echte feiten over de oorlog op Beek zijn anders; soms ijzingwekkend en bikkelhard en die vertel ik aan u. Ik schrijf dit boek voor mijn geboortedorp Beek en de regio om ons te verplaatsen
in de tijd van toen. Van de mensen vertel ik hun geschiedenissen, ook de dramatische, om ons te verbinden met elkaar. Misschien wat troost te schenken of zo mogelijk wat vreugde. In dat
geval een zonnestraaltje te zijn. Ik hou me aan de archieven, de getuigenissen, de literatuur terzake en aan de feiten. Ik maak gebruik van de onvervreemdbare plicht van de schrijver van
verbeelding en inlevingsvermogen om het zicht op de oorlog 1940-1944 op Beek en in West-Brabant zo helder en scherp mogelijk naar voren te brengen.
Ik herinner aan de mensen om hun blijvend een naam te geven en omdat 'herinneren', volgens de beroemde Russische schrijvers, "het door God gegeven broertje is van de liefde".
Prinsenbeek, 26 september 2013,
Rinie Maas

Uitgeverij Vorsselmans Zundert;  
 

2. Boeknummer: 00311  
Boekendonck, een verhaal apart
Cultuur -- Bibliotheek Boekendonck           (2020)    [Marjan van der Laken]
Boekendonck, een verhaal apart
Jubileumboekje van vrijwilligersbibliotheek Boekendonck te Prinsenbeek


Inhoud
Inleiding 5
Van idee naar werkelijkheid 8
Boekendonck 2015-2020 14
Blik op de toekomst 42
Voorgeschiedenis 46
Lijst Vrijwilligers Boekendonck 56
Colofon 58

Inleiding 6
Het is nu vijf jaar geleden dat vrijwilligersbibliotheek Boekendonck is opgericht. Aanleiding voor een jubileumboekje vonden Lucie Rijsdijk en Laura van Opstal tijdens
de kerstborrel van Thebe eind 2019.
Het accent van dit boekje ligt op de eerste vijf jaar van Boekendonck. Maar ook de voorgeschiedenis van de bibliotheekvoorziening in Prinsenbeek komt aan
bod, omdat Boekendonck hiervan een uitvloeisel is.
Bij de opening van Boekendonck op 17 oktober 2015 gaf Bekenaar Kees Nagelkerke al een inkijkje in de bibliotheekgeschiedenis van Prinsenbeek. Dat verhaal
is in een apart hoofdstuk verwerkt.
Boekendonck is inmiddels van een kleine naar een grotere ruimte gegaan met fraaie inrichting.
Een stap verder naar een dorpsbibliotheek voor iedereen en tegelijk een ontmoetingspunt: de droom van de initiatiefnemers.
Mogelijk gemaakt door de medewerking van bestuur en medewerkers van Woonzorgcomplex Thebe/Hagedonk.
Op basis van een sterke groep vrijwilligers en een groeiende belangstelling vanuit de bewoners van Prinsenbeek en Hagedonk.


Vereniging Boekendonck;  
 

3. Boeknummer: 00312  
Wat onze voorouders wisten
Natuur -- Kruiden           (2021)    [Ien Doorn]
Wat onze voorouders wisten. Dl 2. Kruiden rondom Terheijden Wagenberg en Langeweg


Voorwoord
‘Wat onze voorouders wisten'
Wat wij jammer genoeg al lang vergeten zijn, is wat de natuur ons allemaal te bieden heeft op het gebied van voedsel en geneeskrachtige kruiden.
Het hele jaar door geeft de natuur ons wilde planten die boordevol gezonde voedingsstoffen zitten, eetbaar en smakelijk zijn.
Onze voorouders gebruikten geneeskrachtige kruiden om o.a. maagklachten te bestrijden, bloedingen te stoppen, botbreuken te behandelen
en zelfs voor geestelijke vlieguren.

In dit boekje wordt verteld welke planten je kunt eten, welke je zeker niet moet eten en hoe ze vroeger in de volksgeneeskunde werden gebruikt.

Er geldt een aantal (ongeschreven) regels voor het wild plukken:
•    Weet je het niet, dan eet je het niet. Dit omdat er ook giftige planten bestaan.
•    Is een plant zeldzaam maar wel eetbaar dan laat je die staan.
•    Is een plant beschermd of staat hij op de rode lijst, dan lekker laten staan.
•    Wildplukken valt onder stroperij. Kleine hoeveelheden plukken wordt oogluikend toegestaan. Pluk je grote hoeveelheden, dan is dit strafbaar.

Goede vriendin Gwen van der Meer wil ik bedanken voor het redigeren van dit boekje.
Van oud collega Henk Schell kreeg ik toestemming om zijn foto’s van het penningkruid, rodekoolzwam, korenbloem en paardenbloem te gebruiken. Hiervoor mijn dank.
Fons de Weert wil ik bedanken voor de vormgeving.
Veel leesplezier gewenst
Ien Doorn


Heemkundekring De Vlasselt;  
 

4. Boeknummer: 00313  
Erfgoed in Noord-Brabant. Vestingsteden langs de linie
Monumenten -- 08.027           (2021)    [Maikel Roelofs]
Erfgoed in Noord-Brabant. Vestingsteden langs de linie.
Overzicht van de vestingsteden in Noord-Brabant.


Inhoud
Vestingsteden langs de linie 5
Vestingsteden in Noord-Brabant 13
Bergen op Zoom 14
Steenbergen 18
Willemstad 22
Klundert 27
Breda 30
Geertrui 33denberg
Woudrichem 36
Heusden 40
’s-Hertogenbosch 44
Megen 48
Ravenstein 51
Grave 57
Om verder te lezen 62
Adressen 62
Illustratieverantwoording 63
Over de auteur 64
Colofon 64

Vestingsteden langs de linie
Door de geschiedenis van Nederland heen is er meermaals een dreiging geweest vanuit het zuiden. Zowel de Belgen,
de Fransen als de Spanjaarden hebben al dan niet meer dan eens oorlog gevoerd met de Nederlanden. Het is dus niet
vreemd dat er in Noord-Brabant al eeuwen een verdedigingslinie ligt waarmee de rest van het land tegen invallen uit het zuiden
beschermd moest kunnen worden.


Stichting Matrijs Utrecht;  
 

5. Boeknummer: 00314  
De geschiedenis van kasteel 'Hof van den Houte' en zijn bewoners
Monumenten -- 08.034           (2021)    [Drs M.J. Bicknese]
Geschiedenis van het Ettense kasteel Hof van den Houte en zijn bewoners. 500 jaar geschiedenis met veel illustraties


INHOUDSOPGAVE
0.1 Voorwoord 7
0.2 Voorwoord auteur 9
0.3 Ten geleide (Leeswijzer 1) 11
0.4 Het Leenstelsel (Leeswijzer 2) 13
Deel 1. Het hof van den Houte in de Middeleeuwen
1.1 Hoe kwam Etten aan zijn kasteel, aan Hof van den Houte? 15
1.2 De heren van Ten Houte en Etten 19
1.3 De omvang en inkomsten van het hof te Etten in de 14de eeuw 23
1.4 De vererving van het goed ten Houte door de familie Uten Houte zelf 24
1.5 Oom Arnt sterft. Wie volgt? 29
1.6 Verdere opdeling van de eigendommen; de verdelingsakte van 1448 33
1.7 Flendrik Steenwech komt op het toneel; Etten raakt los van de familie Van den Houte 35
1.8 De bezittingen Van den Houten vallen uiteen; Jan Pot bezit het kasteel 38
1.9 Een eerste indruk van het kasteel, het gebouwhuis zelf in de 15de eeuw 43

Deel 2. Het hof van den Houte in de 16de en 17de eeuw
2.1 Twee generaties Van Aerschot-Schoonhoven 45
2.1.1 Hendrik van Schoonhoven 46
2.1.2 Jan van Schoonhoven 49
2.2 Van der Straten; bijna 80 jaar bezitter van kasteel van den Houte 55
2.3 17de eeuw: Hinckaert en d’ Assignies sterven kinderloos 64
2.4 De strijd breekt los 71
2.4.1 Intro 71
2.4.2 De rol van Savernel en van der Schueren 74
2.4.3 De rol van Gageldonk 76
2.4.4 Verloop van de twist 77
2.4.5 Duidelijkheid 85
2.5 Hoe zag het kasteel van den Houte er uit in de 16de en 17de eeuw? 89
2.5.1 Beschrijvingen 89
2.5.2 Reparaties aan brug en Hof van den Houte 1671-1675 92
2.5.3 Afbeeldingen van het kasteel 96
2.6 De laatste adel in Etten: Van den Tympel en de Rubempré 108

Deel 3. Hof van den Houte, de laatste honderd jaar (1717-1816)
3.1 Intro 111
3.2 Adriaen Cornkoper 113
3.3 Cornelis Cornkoper 115
3.4 Cornkoper vindt een vrouw: Frantjoise Tilly 119
3.5 Intermezzo: De familie Tilly 123
3.6 Cornkoper eigenaar van het Hof van den Houte 125
3.7 Cornkopers jaren als getrouwde schout (1717-1732) 127
3.8 Intermezzo: korte genealogie van der Mee en Snels 131
3.9 Wie is de biologische vader van Govert van der Mee? 133
3.10 Hoe verliep het de schout in zijn laatste vijftien jaar? 137
3.11 De laatste jaren van Cornelis Cornkoper 139
3.12 Elisabeth Snels erft Hof van den Houte en trouwt 142
3.13 Govert van der Mee laatste kasteelheer 148
3.14 De sloop 154
3.15 De nalatenschap van Govert van der Mee 160
3.16 Hoe zag het kasteel er op het laatst uit? 163

Deel 4 Afsluiting
4.1 Wat is er over van het kasteel? 177
4.2 Archeologisch onderzoek 179
4.3 Samenvatting 184
Nawoord 188
Bijlagen 189
Belangrijkste literatuur 215
Afkortingen 216

Voorwoord
Op 11 mei 1947 werd de Heemkundige Werkkring Jan uten Houte opgericht. De eerste initiatieven daartoe werden al in het begin van 1941 ondernomen maar door de bezetting werd in
september van dat jaar de in het najaar van 1940 opgerichte Bond van Heemkundige Studiekringen verboden. Daardoor konden de Etten-Leurse activiteiten niet openlijk beoefend worden.
Jan uten Houte was in 1947 de vijfde heemkundekring in de provincie en de eerste in West-Brabant.
In 2022 wordt dus het 75-jarig bestaan van de inmiddels vereniging ‘Heemkundekring Jan uten Houte’ bereikt, een albast jubileum, soms ook kroonjuweel genoemd. Welgemeende felicitaties
zijn dus zeker op zijn plaats.
Rond een jubileum worden allerlei festiviteiten georganiseerd, maar de sinds maart 2020 heersende coronapandemie maakte het voor de vereniging onmogelijk activiteiten voor te bereiden
omdat lang (en nu nog) onduidelijk is of deze rond de jubileumdatum doorgang kunnen vinden.
Om in aanloop naar het jubileum de leden van vereniging toch enigszins bij deze heuglijke gebeurtenis te betrekken heeft het bestuur in de loop van 2020 besloten een nieuwe loot aan de
boom van de serie Bijdragen tot de geschiedenis van Etten-Leur toe te voegen.

Sinds een aantal jaren doet Maarten Bicknese onderzoek naar het kasteel te Etten, ook wel aangeduid met Hof van den Houte of kasteel Uten Houte, en haar eigenaren en bewoners. Het doel
was om, zoals hij in 2019 in kwartaalblad Heem-EL schreef, te komen tot een boek met alle bijzondere details. In het verleden zijn over het kasteel, de eigenaren en bewoners al enkele kleinere
publicaties verschenen, maar zijn onderzoek had zoveel nieuwe en onbekende informatie opgeleverd dat een nieuwe publicatie over het onderwerp gerechtvaardigd was. In de eerste jaargang
van het kwartaalblad lichtte Bicknese door middel van korte stukjes alvast wat tipjes op over het toen nog erg schemerige verhaal over het kasteel.
Het resultaat van het onderzoek ligt nu voor u: De geschiedenis van kasteel “Hof van den Houte” en zijn bewoners. Een kloek (naslag)werk van bijna 200 pagina's tekst en vele afbeeldingen en
kaders, aangevuld met dertig pagina's bijlagen waarin de belangrijkste documenten zijn weergegeven.
Een uitgebreid notenapparaat verantwoordt de inhoud en geeft een duidelijke indruk van de weg door archieven en publicaties die Maarten Bicknese heeft afgelegd om tot dit resultaat te komen.
In drie chronologisch geplaatste hoofdstukken en een Afsluiting neemt de auteur de lezer mee op een tocht gedurende meer dan 500 jaar wel en als kantelen en een overkapping van de oor-
spronkelijk hoofdingang die de indruk van een ophaalbrug moet wekken. Terecht vraagt Maarten Bicknese zich af of daardoor bij bezoekers de gedachte zal opkomen dat hier ooit een kasteel
gestaan heeft. Enkel straatnamen als Hof van den Houte, maar ook Bijvang, Bogaard, Burchtplein, Ridderstraat, Slotlaan en Voorvang moeten de gedachte aan wat hier ooit was levend houden.
Een bijzonder stukje Etten(-Leur) wordt in dit boek gepresenteerd. Met het resultaat wil ik zowel de auteur als de heemkundekring van harte feliciteren en u, lezer, wens ik veel plezier bij het
lezen of bladeren door dit boek. Wellicht dat u bij een volgend bezoek aan het winkelcentrum nog eens terugdenkt aan het gebouw en de bewoners van het Hof van den Houte.
Juni 2021
M.A.M. Voermans
oud-medewerker West-Brabants Archief

Voorwoord auteur
Sinds ik in Etten-Leur woon, en dat is nu al weer 45 jaar, ben ik in de historie, het landschap, de dorpsontwikkeling en de inwoners van mijn woonplaats geïnteresseerd. Als leraar probeerde
ik namen van mijn leerlingen mede te onthouden door de familierelaties of hun woonomgeving in te prenten. Na verloop van tijd werden namen als de Hilsebaan, Attelaken, Luijkx, Coremans,
Heeren en andere vertrouwd voor mij. Door mijn stamboomhobby ontdekte ik bovendien dat ik ook in Etten voorouders heb. Ik begon me er al gauw thuis te voelen.
Maar ook viel het me na een aantal jaren op dat, als ik iets over de oude Etten-Leurse historie las, dat dit steeds dezelfde verhalen waren. Ik miste nieuwe aanvulling. Soms werd dit gepresenteerd
als een eigen verhaal, terwijl het dus al keer op keer was verteld. Nou geeft dat op zich niets, ware het niet dat er ook wel eens fouten in stonden, die dan argeloos (begrijpelijk) of klakkeloos
(minder begrijpelijk) werden overgenomen. Ik wil al deze publicaties absoluut niet negatief beoordelen, integendeel ze zijn voor mij een enorme stimulans geweest en het fundament voor mijn onderzoek.

Op de plaats van het huidige winkelhart van Etten-Leur stond het Hof van den Houte en dit kasteel vormt de rode draad door dit boek. Het zojuist geschetste probleem geldt namelijk zeker
ook voor dit kasteel.
Het kasteel zal er vanaf de 14de eeuw tot begin 19de eeuw, dus zo'n 500 jaar hebben gestaan. Er is echter maar heel, heel weinig concreets over bekend.
Het enige verschenen boekje van de Heemkundekring door Toon Buckens over dit kasteel geeft een aardig goed beeld van de historie van het kasteel, maar er zijn toch wel aanvullingen en nieuwe
inzichten bij te geven.
Het zojuist genoemde boekje en Het Centrumplan van Etten-Leur waren een voorbeeld en belangrijke leidraad voor mijn onderzoek.
Ik richtte me bij het onderzoek behalve op het kasteel zelf ook op familie- en andere relaties tussen de personen en kwam daarbij tot soms verrassende ontdekkingen.
Mijn overweging daarbij was dat het vreemd zou zijn als wel de utenHoutes vanaf 1300 tot 1450 uitvoerig besproken zouden worden als stichters van het kasteel, en dat vervolgens vier eeuwen
kasteelbezit door andere families in een paar bladzijden zouden worden afgehandeld. Wie waren die opvolgende bezitters en bewoners? En welke rol speelden zij in Etten? Welk belang hadden
zij bij het bezit?

Gevolg is wel dat ik af en toe flinke uitstappen moest maken, die op zich weinig met het gebouw Hof van den Houte te maken hebben, maar dus wel met zijn bewoners of met de plaats waar
het beschrevene zich afspeelde. Zeer uitvoerig weid ik uit over Cornelis Cornkoper, die 40 jaar eigenaar en bewoner was. Wat was hij voor een persoon, in de publicaties vaak afgeschilderd als
een autoritair en “grimmig” man. Klopt dat beeld wel? Hij was de eerste niet-adellijke eigenaar, en het verhaal wordt nog merkwaardiger als we zien hoe het kasteel na hem overgaat in de handen van
de dienstmeid die als weesmeisje op het kasteel kwam werken.
Ik ben me ervan bewust dat deze hoofdstukken feitelijk niet over het kasteel gaan. Maar door deze families in het kasteelonderzoek te betrekken ontstaat er ook een beschrijving van het
tijdsbeeld van de Vrijheid Etten, Leur en Sprundel gedurende de 18de eeuw en begin 19de eeuw, de laatste 100 jaar van het kasteelbestaan.
Eindelijk ligt dan nu het resultaat van de verwerking van alle verzamelde gegevens voor me, voor u, lezer, en ik hoop dat u er veel plezier van gaat beleven. Maar ook gemak, want zoals gezegd,
veel lees je over de historie in kortere of langere artikelen en dit boek probeert een leesbare verzameling en samenvatting over het kasteel te zijn, zodat er naar ik hoop voor veel geïnteresseerden
een naslagwerk ligt over het kasteel en zijn bewoners.
Met dit boek heb ik dan ook een tweede doel. Ik hoop hiermee nog meer mensen geïnteresseerd te krijgen voor de historie die verder terug gaat dan grootmoeders tijd.
En een derde doel is om de onderzoekende lezers zover te krijgen dat zij dit boek gaan aanvullen en corrigeren. Want ongetwijfeld heb ook ik fouten gemaakt met lezen van het soms lastige oude
schrift, of met de uitleg van een akte. En eerlijk is eerlijk, ook ik heb wel heel veel, maar niet alle bronnen nagetrokken. Niet alle zegels van uten Houte heb ik gecontroleerd evenmin als élke bron
in de gepubliceerde teksten van gerenommeerde onderzoekers zoals Boeren. Ook tikfouten door mij kunnen heel storend zijn vooral bij namen of jaartallen.
En er blijven bovendien genoeg vragen over. Lang niet alle mogelijke bronnen zijn nagelezen, zodat er zeker nog het een en ander te ontdekken blijft.
Ik heb dan ook regelmatig een stukje discussie uitgeschreven, en vraagtekens gezet. Het scheppen van een beeld van hoe het kasteel eruitzag en waar precies het lag vond ik het moeilijkste van
dit onderzoek. Ik verwacht dan ook juist hierop veel reacties, wat hopelijk dit troebele beeld zal verhelderen. Ik zou iedereen willen aanmoedigen om in de oude documenten te duiken en de moei-
te te nemen om het oude schrift onder de knie te krijgen, dat is met wat oefening echt wel te doen.
Er gaat een wereld voor je open. En dan valt er nog heel veel te ontdekken over onze geschiedenis.
Ik houd me zeer aanbevolen voor elke opmerking aanvulling of verbetering en ik hoop dan ook dat er een tweede druk gaat komen.
Maar op de eerste plaats hoop ik u met dit boek een naslagwerk en vooral ook leesplezier te geven.
Het is ondoenlijk om iedereen te noemen die me geholpen en gestimuleerd heeft om door te gaan.
Maar wel wil ik absoluut Cor Aertssens noemen die me heeft uitgedaagd om dit onderzoek en het boek te starten. Hij gaf me al zijn aantekeningen als startpunt en heeft me kritisch leren kijken
naar teksten over historie.
Mensen uit de heemkundekring, archiefmedewerkers, vrienden en bekenden gaven me feedback of zelfs concrete gegevens die ze welwillend met me deelden. En ook mijn lieve Dieneke heeft
menig onderdeel van dit boek kritisch gelezen en met me besproken. Zonder al die hulp was dit boek niet verschenen. Dank jullie wel allemaal.
Tenslotte ben ik ook erg blij, trots en dankbaar met het feit dat het bestuur van de Heemkundekring Jan utenHoute mijn boek als jubileumuitgave wil laten verschijnen, zodat het wijd verspreid
wordt. Ik wens de vereniging nog vele jaren toe in onze boeiende gemeente.
Maarten Bicknese
mjbicknese26@gmail.com


Heemkundekring Jan uten Houte te Etten Leur;  
 

6. Boeknummer: 00315  
Nog meer verhalen van Johan Bax
Cultuur -- 09.020           (2021)    [Johan Bax. Illustraties Jos Krijnen]
Nog meer verhalen van Johan Bax
Kinderverhalen in een fictief Brabants dorp


Voorwoord
Na het vorige boek, ‘Verhalen van Johan Bax’, kregen we vooral leuke reacties, van jong en oud.
Vandaar dat we besloten er nog een te maken.
Ook nu met de opzet dat er 3 generaties plezier aan beleven!
De verhalen spelen zich af in het dorp Heijdenberg, ergens in Brabant.
Ze gaan over een gezin met 2 kinderen, 2 katten en een hond en bijzondere dorpsfiguren.
De illustraties bij de verhalen zijn ook nu van Jos Krijnen.
Als er geen tekst in de boekjes zou staan, was het ook al de moeite waard om het uit te geven, zo mooi zijn ze.
Ed Oud deed de correctie, de vormgeving is van Fons de Weert.
Dit boek is speciaal voor Mees, Piet, Milan, Vieve, Cato, Veerle, Teun, Julia, Lise en Fien, en alle andere kinderen.
Veel leesplezier
Johan Bax


Heemkundekring De Vlasselt Terheijden;  
 

7. Boeknummer: 00316  
De Nederlandse Vlag in heden en verleden
Historie -- 06.002           (1990)    [Derkwillem Visser]
De Nederlandse Vlag in heden en verleden
Kennis en feiten rondom de Nederlandse vlag


Dit boek is opgedragen aan hen die hun leven gaven voor het verkrijgen en behouden van onze vrijheid en ons democratisch staatsbestel.

Inhoud
Woord vooraf 7
Vlaggen in het algemeen 9
Vlagen kleur 12
De Nederlandse vlag 14
Het Nederlandse staatswapen 35
Het Nederlandse volkslied 42
De kroonjuwelen 45
De Koninklijke vlaggen 48
Vlaggen en wapens van de Nederlandse provincies 58
Groningen 58
Friesland 60
Drenthe 63
Overijssel 65
Utrecht 66
Gelderland 67
Noord-Holland 68
Zuid-Holland 70
Zeeland 72
Noord-Brabant 74
Limburg 75
Flevoland 77
Vlaggen en wapens van de Nederlandse Antillen 79
De Nederlandse Antillen 79
Aruba 80
Bonaire 82
Curaçao 83
St. Maarten 85
St.Eustatius 85
Saba 86
Internationale vlaggen in Nederland 87
Vlaggenprotocol 89
Literatuur 95


Woord vooraf
Met deze uitgave heb ik niet de intentie de levensloop van onze nationale driekleur te vervolgen door middel van een onderzoek op wetenschappelijke basis. In het verleden
hebben reeds diverse gerenomeerde historici boekwerken geschreven over het ontstaan van de Nederlandse vlag, een onderwerp dat zelfs nog in de jaren dertig van de twintig-
ste eeuw aanleiding gaf tot een soort vlaggenoorlog, met als inzet de vraag: rood, wit en blauw of... oranje, wit en blauw?
Ik heb hier geen andere pretentie dan de lezer te laten zien waarom wij thans een vlag hebben met drie horizontale banen, van boven naar beneden: rood, wit en blauw.
Niet alleen de nationale vlag wordt besproken; we gaan in een soort vogelvlucht terug naar het verleden en daarna in een boog naar het heden, daarbij passerende de vlaggen
van onze provincies en de andere gebiedsdelen van het Koninkrijk der Nederlanden.
De Koninklijke vlaggen worden niet vergeten. Aandacht wordt ook besteed aan het vlaggcnprotocol en aan vlaggen die in ons land gebruikt worden door de in Nederland
wonende en werkende minderheden. Ik zou dus willen zeggen: ‘fasten your seatbelts' en veel lees- en kijkgenot!
Amsterdam, augustus 1990
Derkwillem Visser Jr.


De Bataafsche Leeuw Amsterdam;  
 

8. Boeknummer: 00317  
Momenten uit drie eeuwen kluishistorie
Religie -- 07.034           (1973)    [Domien de Jong, archivaris]
Momenten uit drie eeuwen kluishistorie
Korte geschiedenis van het heremietenklooster De Achelse Kluis en z'n bewoners in Valkenswaard.


INHOUD
BIBLIOGRAFIE ..............................................XIII
INLEIDING .................................................XVII

EERSTE DEEL
DE HERMITAGE VAN SINT JOZEF IN DE ACHELSE HEIDE, 1685—1798

VOORGESCHIEDENIS (1656—1685)................................. 7
Grenskapel voor de heerlijkheid Waalre-Wedert (1656—1670) .... 7
Grenskapel voor Valkenswaard (1689—...)..................... 12
Grenskapel voor Valkenswaard (1736—...)..................... 14

DE HERMITAGE VAN SINT JOZEF (1685—1798)..................... 16
De stichtingsperiode (1685—1693)............................ 16
Naar de definitieve levensvorm (1693—1732).................. 28
Naar de definitieve huisvesting (1732—1793)................. 40
Naar opheffing en liquidatie (1790—1798).................... 57
De Hermitage van Achel een rustig maar toch een omstreden bezit (1798—1845)... 68

BIJLAGEN
I Oversten van de Hermitage (1685—1798).................... 74
II Broeders eremieten van de Hermitage (1685—1798)......... 74

TWEEDE DEEL
HET KLOOSTER VAN SINT BENEDICTUSIN DE ACHELSE KLUIS, 1846—1971

VOORGESCHIEDENIS (1838—1846).................................81
Het moeilijke begin te Meerseldreef (1838—1843)............. 81
De verwachte oplossing ligt te Achel (1843—1846)............ 88

HET KLOOSTER VAN SINT BENEDICTUS (1846—1971) .... 96
Een positieve aanzet bekroond (1846—1871)........................ 96
Successen en controversen (1871—1914)............................105
Van noodklooster tot nieuwbouw (1914—1952)...................... 132
Na consolidatie meer openheid (1952—1971)....................... 146

BIJLAGEN
I Trappisten en Westmalle........................................163
II Verheffing tot abdij..........................................168
III De aanwezige communiteit....................................175
IV De overledenen..............................................179
V De abten ....................................................192

VERKLARING VAN MOEILIJKE WOORDEN.............................202
REGISTER VAN PERSOONS- EN PLAATSNAMEN........................205
HERKOMST FOTO’S..................................................216
COLOFON .........................................................216
SUPPLEMENT Kaart A: Achelse kaert figuratief van 1750
Kaart B: Noodklooster O. L. Vrouw der Verijzenis


VERANTWOORDING
Ter gelegenheid van de viering van het eeuwfeest als trappistenklooster verscheen in 1946 het boek ’De Achelse Kluis, 1846—1946’. Dit is nu aanleiding geworden de daarbij gebruikte bronnen en
literatuur te controleren en een nieuwe documentatieverzameling aan te leggen. Een meer volledige geschiedenis van de Achelse Kluis zou te zijner tijd daaruit kunnen geschreven worden.
Speurtochten langs diverse archiefdepots hebben veel materiaal opgeleverd, dat zowel voor de eremietentijd (1685-1798) als voor de trappistentijd (1846—1971) van zeer groot belang moet worden geacht.
Het ontstaan van de Achelse Kluis in 1685 is niet los te denken van een verschijnsel, dat na de in 1648 gesloten Vrede van Munster algemeen voorkwam in de zuidelijke Generaliteitslanden.
De bewoners van deze gebieden waren gedwongen kerkjes of kapellen te bouwen over de landsgrens heen, omdat binnen het eigen gebied der Staten geen sprake meer kon zijn van een openbare uitoefening
van de katholieke eredienst.
Geen wonder, dat als de gelovigen buiten de grenzen van deze onderdrukte territoria moesten kerken, spoedig ook de pastorie of de pastoorswoning daar werd overgebracht. Kerk en pastorie horen immers
bijeen te liggen. Dit begrepen ook de inwoners van Valkenswaard en zo werden ’Het Weerderhuys’ en ’D’oratorie van Verckensweert’ in elkanders nabijheid gesitueerd.
In deze niet bewoonde pastoorshuizinge begon in 1685 de eerste eremiet, een Eindhovenaar van geboorte, het kluizenaarsleven. Spoedig kreeg hij volgelingen, waardoor de naam ’Het Weerderhuys’ verdween
en die van 'Hermitage’ of 'Achelse Kluis’ kwam. De Achelse Kluis heeft dus een voorgeschiedenis.
Sedert het jaar 1656 zijn ruim drie eeuwen verstreken en bijna al die tijd heeft dit klooster zijn invloed doen gelden.
Het boek 'Momenten uit drie eeuwen Kluishistorie’ bevat geen volledige beschrijving van de lotgevallen en het leven in en over de Achelse Kluis.
Het is veeleer een kennismaking met de uitwendige geschiedenis van dit alombekende klooster. Binnen een kort bestek kon geen uitgebreide historie worden geboden.
Een bibliografie van geraadpleegde archivalia en gedrukte bronnen gaat vooraf.
De inleiding is noodzakelijk, omdat de geschiedenis van de Achelse Kluis berust op een cisterciënser traditie, welke in de laatste drie eeuwen typisch naar de geest van de trappisten is omgebogen,
waardoor de nadruk niet zozeer op Cïteaux als wel op La Trappe is gevestigd.
De meer spirituele of monastieke zijde van de Achelse Kluisgeschiedenis is in beknopte vorm weergegeven, waarvan de inleiding werd toevertrouwd aan pater Edmundus Mikkers.
De illustratie van 'Momenten’ bezit een suggestieve kracht en is geheel aangepast aan de tekst. De medewerking van pater Rafaël van Doren uit de abdij Sion te Diepenveen en de grote bereidwilligheid
van de heer Fr. van lersel van het gemeente-archief Tilburg hebben de aangepaste illustratie mogelijk gemaakt.
Het register van persoons- en plaatsnamen werd samengesteld door mevrouw H. J. Lutkie-van Erning uit Eindhoven, waarvoor ik haar zeer erkentelijk ben. Ook de correctie werd door haar verzorgd.
Mijn dank aan de heer Mr. A. L. G. M. van Agt, gemeente-archivaris van Eindhoven, voor zijn medewerking. Ook dank aan mijn collega voor de hulp om het geschiedkundig relaas op zijn objectiviteit te
onderzoeken.
Het werk aan deze jongste publicatie over het ontstaan en de uitbreiding van de Achelse Kluis is niet vergeefs geweest, indien in de toekomst een volledige geschiedenis van het tijdperk na de
Tweede Wereldoorlog kan worden gerealiseerd.
Achelse Kluis, 31 december 1972.


Klooster De Achelse Kluis;  
 

9. Boeknummer: 00318  
Breda, de koorbanken van de Grote of Lieve Vrouwekerk. Misericordereeks.
Monumenten -- 08.033           (1983)    [J.A.J.M.Verspaandonk]
Breda, de koorbanken van de Grote of Lieve Vrouwekerk. Boek uit de Misericordereeks.


DE KERK
Aan de Heren van Breda, de Bredase Nassau's dankt deze stad de Grote- of Lieve Vrouwekerk, na de St. Jan in ’s Hertogenbosch het fraaiste voorbeeld van de Brabantse gothiek in ons land.
In 1410 lieten Engelbrecht I van Nassau en zijn vrouw Johanna van Polanen een begin maken met het koor. Het nieuwe gebouw moest een ander godshuis vervangen. Volgens een oor-
konde uit 1269 was dit de eerste stenen kerk ter plaatse en was men in dat jaar bezig deze te bouwen. Omdat de stad reeds kort na 1116, toen de eerste Heer van Breda, Hendrik, optrad, een
parochiekerk gekregen moet hebben, zullen aan deze oudste stenen kerk een of meer houten bouwsels voorafgegaan zijn. Vóór die tijd moesten de inwoners van Breda hun godsdienstplichten
vervullen in Gilze, waar de enige parochiekerk stond die het Land van Breda rijk was.
Een van de teksten die het jaar 1410 aangeeft voor het begin van de bouw van het koor, deelt ons ook mee, dat Engelbracht I en Johanna van Polanen resp. in 1442 en 1445 in de noordelijke
koorzijbeuk begraven zijn. Hun grafmonument werd nog tijdens het leven van Engelbrecht, waarschijnlijk tussen 1440 en 1442, geplaatst tegen de wand van het koor.
Dit houdt in, dat dit gedeelte van de kerk, de kapel van de Heren van Breda, en het koor rond 1440 gereed geweest zijn. Wellicht was dit ook het geval met de zuidelijke koorzijbeuk, het koor
van de 'prochiaen' (de pastoor), waar het altaar stond waaraan deze de H. Mis opdroeg voor de gelovigen. Beide zijbeuken waren toen nog met een rechte muur afgesloten; pas tussen 1525 en
1536 werden zij rond het koor doorgetrokken tot een kooromgang.
De rest van de kerk, het transept of dwarsschip, het schip en de zijbeuken zijn rond 1468 voltooid. In dat jaar begon men met de bouw van de toren, die in 1513 gereed kwam.
Reeds voordien, in 1497, werd het kerkgebouw officieel ingewijd door de wijbisschop van Luik, tot welk bisdom Breda behoorde. De activiteiten aan de bouw van diverse kapellen en aan de
overwelving van allerlei onderdelen gingen door tot tegen het midden van de 16de eeuw.
Met de bouw van een kerk waren in de middeleeuwen meestal tientallen jaren gemoeid.
Omdat de nieuwe kerk vaak een oudere, die tevens kleiner was, op dezelfde plaats moest vervangen en omdat de godsdienstoefeningen moesten doorgaan, begon men met de nieuwbouw
op enige afstand van de bestaande kerk, soms bouwde men er zelfs omheen. Naarmate men vorderde, nam men delen van het nieuwe gebouw in gebruik en werd het oude geleidelijk afgebroken.
Ook in Breda zal het zo gegaan zijn. Dit blijkt niet alleen uit de oprichting van het grafmonument voor Engelbrecht I en zijn vrouw en hun begrafenis, maar ook uit de plaatsing van het
koorgestoelte. Naar de kleding der figuren moet dit nl. gedateerd worden rond 1440 - 1445.
Het Kapittel dat in deze koorbanken zijn getijde zong, was in 1303 gesticht door Heer Jacob, pastoor van Gilze en deken van Hilvarenbeek. Bij testament schonk hij de goederen waarvan de
inkomsten moesten dienen voor het onderhoud van de kanunniken. Hij stelde hun aantal vast op acht (later zou dit op dertien gebracht worden) en maakte bepalingen over de samenstelling van het
college en de diensten die het moest verrichten.
Reeds in datzelfde jaar werd de stichting bekrachtigd door de bisschop van Luik en de Heer van Breda.
Na de verovering van Breda door Frederik Hendrik, in 1637, werd het kapittel opgeheven.
Zijn inkomsten en goederen werden gevoegd bij de domeinen van de Heer van Breda.
Voordat wij overgaan tot de beschrijving van de koorbanken eerst nog iets over de lotgevallen van de stad Breda en de kerk.
Op 22 augustus 1566 vond in Breda een beelden- storm plaats die 'donderdach ende nog twee dagen en nachten' duurde. De aanstokers kwamen uit Antwerpen, waar zij twee dagen
tevoren hadden huisgehouden, en het stadsbestuur was machteloos. Natuurlijk moest ook het koorgestoelte het ontgelden. Vrijwel alle misericorden en ook de voorstellingen op de
wangen zijn geschonden, waarbij men het vooral gemunt had op de gezichten en de handen. De knoppen of handsteunen op de leuningen, die het gemakkelijkst te bereiken waren, zijn zo deerlijk
gehavend, dat men ze later heeft moeten verwijderen. Mét de rijk bewerkte dorsalen, de hoge wanden achter de zetels, zullen toen ook de twee wangen die de bovenste rijen aan de kant
van het schip afsloten, verloren gegaan zijn.
In de periode van 1577 tot 1637 heeft tot vijfmaal toe een wisseling van de macht plaats gevonden, waarbij de kerk beurtelings in handen van de hervormden en van de katholieken kwam. Wij
vatten dit samen in enige jaartallen.
1577 Willem van Oranje verovert Breda; in februari 1581 wordt de kerk aan de hervormden toegewezen.
1581 Op 28 juni herovert Parma de stad; herstel van het katholicisme.
1590 Door de list met het turfschip krijgt Maurits Breda in handen.
1625 Spinola verovert Breda op Justinus van Nassau; kort hierna restauratiewerken aan de koorbanken.
1637 Frederik Hendrik brengt de stad definitief onder de macht van de Republiek.
Bij de grote restauratie van de kerk, waartoe in 1900 besloten werd en die van 1904 tot 1968 heeft geduurd, heeft men in de jaren 1933 - 1936 ook de koorbanken hersteld. Bij de beschrijving
ervan komen wij hierop nog terug.


Buijten & Schipperheyn Amsterdam en Repro Holland Alphen aan de Rijn;  
 

10. Boeknummer: 00319  
Het Hemels Prentenboek. Devotie- en bidprentjes vanaf 17e eeuw tot begin 20ste eeuw
Religie -- Rituelen           (1975)    [J.A.J.M. Verspaandonk]
Beschrijving en algemene inleiding van devotie- en bidprentjes vanaf 17de eeuw tot begin 20ste eeuw. a.v. tentoonstelling in 1975 in Bisschoppelijk Musem Haarlem en UB te Nijmegen. Met veel illustraties.


Inleiding
Hoe vaak hebben wij als kind, wanneer de zondagse preek wat lang duurde,zitten bladeren in vaders of moeders kerkboek en waren wij stil met het bekijken van de prentjes die
daarin lagen: afbeeldingen van heiligen, taferelen uit de bijbel en bidprentjes van allerlei familieleden, met teksten op de achterkant die wij onderhand van buiten kenden, zo
vaak hadden wij ze uitgespeld. Zelf hadden wij ook a! een paar van die prentjes in ons kerkboekje en wij waren daar erg zuinig op. Wij Heten ze trots zien aan onze vriendjes
en soms werd er een levendige ruilhandel mee bedreven.
Wat wij eerst mooi vonden, bekeken wij later met andere ogen of helemaal niet meer.
Ons kostbaar bezit van toen belandde ergens in een lade of kast, of verdween met het afgedankte kerkboek.
Nu in de laatste jaren de winkels waar men religieuze artikelen kon kopen, erg schaars geworden zijn, komen al deze zaken weer in de belangstelling. Misschien uit een soort
heimwee naar de gemoedelijkheid of de geborgenheid van vroeger, misschien alleen maar omdat het voorwerpen zijn uit grootmoeders tijd.
Een tentoonstelling van devotie- en bidprentjes vanaf de 17de tot in de 20ste eeuw, gehouden in het Bisschoppelijk Museum te Haarlem en in de Universiteitsbibliotheek te
Nijmegen, trok vele bezoekers, niet alleen ouderen, maar ook uit de generatie die deze prentjes bijna niet heeft gekend. Uit deze expositie is dit boek ontstaan.
Het wil een beeld geven van de opkomst van het devotieprentje in de middeleeuwen (de met de hand geschilderde miniatuur en de houtsnede), van de verdere ontwikkeling
in de 17de en 18de eeuw, toen de techniek van de kopergravure werd toegepast, en van de knipsel- en kantprenten uit de 18de eeuw, die weer geheel handwerk waren.
Natuurlijk komt ook ter sprake wat er op de prentjes werd af ge beeld: de heiligen met hun attributen, voorstellingen uit de bijbel, met name het leven van Jezus, emblemen of
zinnebeelden, en allerlei uitingen van devoties.
Daarna wordt aandacht geschonken aan de ontwikkelingsgang in de 19de eeuw. Het devotieprentje is dan een product geworden van de industrie; nieuwe druktechnieken
worden toegepast, kanten randen worden machinaal vervaardigd en men brengt allerlei curiosa, zoals prentjes die uitgeklapt kunnen worden, of met deurtjes waarachter een
andere voorstelling schuil gaat.
Een afzonderlijk hoofdstuk bespreekt tenslotte het bid- of doodsprentje, dat uit het gewone devotieprentje is ontstaan, maar door de teksten op de achterzijde en door de
geleidelijk aangepaste voorstellingen een geheel eigen genre geworden is.
Het voornaamste in dit prentenboek zijn echter de afbeeldingen, waar mooi en minder mooi bijeengebracht is. Een erg strakke lijn is bij dit bijeenbrengen niet gevolgd. De
plaatsing van de bladzijden met kleurendruk maakte dit onmogelijk en ook anderszins teek een zekere vrijheid gewenst. Het is immers zo prettig nu eens prentjes uit dezelfde
tijd, dan weer van dezelfde soort of met dezelfde afbeeldingen te kunnen vergelijken.
Aan de lezer wordt gaarne toegewenst, dat hij aan dit boek evenveel vreugde mag beleven als de samensteller heeft gevonden in het maken ervan.


Gooi en Sticht Hilversum;  
 

11. Boeknummer: 00345  
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 1 Voorspel
Oorlog -- Tweede wereldoorlog, algemeen           (1969)    [dr. L. de Jong]
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 1 Voorspel

Voorwoord
Toen de minister van onderwijs, kunsten en wetenschappen mij in 1955 op voorstel van het bestuur van het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie opdracht verleende, een uit ver-
scheidene delen bestaand geschiedwerk te schrijven, Het Koninkrijk der Nederlanden in de tweede wereldoorlog, was ik mij bewust, een taak ter hand te nemen welker voltooiing min-
stens vijftien jaar in beslag zou nemen. Nu dan thans van de serie die ik mij voorstel te schrijven, het eerste, inleidende deel verschijnt, weet ik dat het (als mij gezondheid en werkkracht
gelaten worden), van ‘55 af gerekend, niet vijftien maar minstens vijf-en-twintig jaar zal duren voor ik, dankbaar en opgelucht, onder het manuscript van de laatste bladzij van het
laatste deel het woord ‘einde’ schrijven kan.
Dat besef noopt tot terughoudendheid in dit Voorwoord.
Er zou omtrent de voorbereiding al van dit eerste deel veel te berichten zijn; te getuigen ook van diepe erkentelijkheid jegens de overheid die dit werk mogelijk maakte en jegens
allen (in de eerste plaats het bestuur van het Rijksinstituut en de vele anderen die bij zijn wetenschappelijke arbeid betrokken zijn) die de gestage groei van dat werk met hun waakzame en
kritische belangstelling volgden en steunden: het ware alles prematuur. Zulk een terugblik heeft eerst zin en is, dunkt mij, eerst gepast, maar dan ook geboden, wanneer het gehele
werk voltooid is.
Intussen heeft de lezer recht op een enkele opmerking, een enkele toelichting.

klik op de pijlpunt links voor het volledige voorwoord


Laat ik dan vooropstellen dat ik het schrijven van dit uitvoerig Voorspel (eerste deel uit een serie van acht of negen delen) als een enerzijds noodzakelijke, anderzijds moeilijke,
ja hachelijke taak ervaren heb. Van die noodzakelijkheid zal, naar ik vertrouw, de lezer overtuigd raken. Immers, de sleutel voor het begrip van hetgeen in de tweede wereldoorlog
met en binnen het koninkrijk geschiedde, ligt in de voor- oorlogse gebeurtenissen. Maar waarom moeilijk en waarom hachelijk? Om geen andere reden dan dat het hier beschreven
tijdvak (goeddeels samenvallend met de periode tussen de twee wereldoorlogen) hier te lande in zijn onderdelen en samenhangen nog maar nauwelijks object geweest is van weten-
schappelijk onderzoek. Ik had er eigenlijk nog een jaar of twintig op moeten studeren voor ik de pen ter hand nam; die tijd ontbrak. Wat ik dan bied, is in de eerste plaats een schets
van het geheel der politieke, economische, sociale en militaire factoren die stuk voor stuk en tezamen de achtergrond vormen voor het bewogen relaas dat nog in volgende delen te ont-
vouwen valt. Enkele belangrijke aspecten van het culturele leven (kunsten en wetenschappen bijvoorbeeld) heb ik geheel terzijde gelaten. Niet dat ik hun betekenis onderschat! Maar
ik wist mijn specialistische kennis te gering en kon, wat ik wist, in dit Voorspel niet invoegen. Op sommige punten kom ik intussen in latere delen terug.
Daar zij dan aan toegevoegd dat ik mij voorstel, in die latere delen ook de positie van Suriname en de Nederlandse Antillen binnen het koninkrijk te behandelen; voorts, dat de geschiede-
nis van Nederlands-Indië in de jaren ‘20 en '30 breder beschreven zal worden in een apart deel van deze reeks dat geheel aan Indië gewijd zal worden.
Eindelijk dan dit: de staatkundige verantwoordelijkheid voor de verschijning van dit deel zo goed als van de overige delen van Het Koninkrijk der Nederlanden in de tweede wereld-
oorlog ligt (dat vloeit uit de positie van het Rijksinstituut voort) bij de minister die tot dat verschijnen machtiging gaf.
Ik wil aan die verantwoordelijkheid niet tornen en evenmin aan de waarde van de bemoeienissen die anderen (alweer: bestuur en medewerkers van het instituut in de eerste plaats)
met de door mij geschreven tekst hadden, wanneer ik er van getuig dat ik mij als auteur zelf verantwoordelijk beschouw voor hetgeen hier wereldkundig gemaakt wordt.
Ik heb, mij zettend tot het schrijven van dit werk, geen enkel falen met de mantel der liefde willen bedekken. Ik had, ik heb, slechts één behoefte: in dit relaas alles op te nemen wat mij
historisch relevant lijkt. Serieuze geschiedschrijving is zonder die volstrekte openhartigheid, zonder politieke en geestelijke vrijheid, ondenkbaar. Welnu, wanneer één ding mij kracht
gegeven heeft, het in '55 ondernomen waag- en werkstuk te brengen op het punt waarop het thans beland is, dan wel het besef, in volledige vrijheid te arbeiden aan een taak waarvan
ik dan de lengte onderschat mag hebben, maar niet de zwaarte.
Dat mij die taak werd toevertrouwd, heb ik gevoeld als een
dure verplichting en als een kostelijk voorrecht.
L. DE JONG



Inhoud
Hoofdstuk i - Paleis Noord einde 1
    Overgang 6

Hoofdstuk 2 - Negentiende eeuw 11
    Thorbecke 14
    Doorbraak van het kapitalisme 16
    Kuyper en de Savornin Lohman 23
    Schaepman en de katholieken 26
    De socialisten 30

Hoofdstuk 3 - De eerste wereldoorlog en zijn gevolgen 35
    November ’18 40
    De nawerking 47
    ‘Nooit meer oorlog!’ 52

Hoofdstuk 4 - Een conservatief land 64
    Modernisering der productie 79
    Sociale tegenstellingen 85

Hoofdstuk 5 - De diepe crisis 105
    Eerste ordening 110
    De werkloosheid 114

Hoofdstuk 6 - Hitler’s opkomst 131
    Van Braunau naar München 136
    Van München naar Berlijn 144
    Nederland en de Machtübernahme 151

Hoofdstuk 7 - ‘De Zeven Provinciën’ 156
    Nederland en Indië 163

Hoofdstuk 8 - Colijn en de ‘aanpassing’ 178
    'Aanpassing' en ordening 186
    Effect op Indië 198

Hoofdstuk 9 - Het protest van links 202

klik op de pijlpunt links voor de volledige inhoud


Hoofdstuk 10 - Het rechts-autoritair protest 216
    Mussolini 219
    Nederlandse bewonderaars 224
    Rechts-autoritaire organisaties 229
    ‘Landbouw en Maatschappij' 232
    Katholiek fascisme 235
    Fascisten-van-de-daad 242
    De NSNAP’en 247

Hoofdstuk 11 - Mussert en de NSB 254
    Opmars 265
    Mussert naar Indië 276
    Het karakter der beweging 279
    De NSB en het antisemitisme 295
    Mussert tussen Mussolini en Hitler 302
    De NSB wordt teruggedrongen 309
    Mr. M. M. Rost van Tonningen 336
    Na de nederlaag van '37 342

Hoofdstuk 12 - De andere fascisten 349
    Terugblik 362

Hoofdstuk 13 - ‘Das dritte Reich’ 365
    Van der Lubbe en de Rijksdagbrand 372
    Gelijkschakeling 387
    Jodenvervolging 408
    De voorbereiding der aggressie 416

Hoofdstuk 14 - Nederland en Duitsland 428
    De politiek der grote mogendheden 430
    De Spaanse burgeroorlog 436
    Economische betrekkingen met Duitsland 438
    Publieke opinie 442
    De eerste vluchtelingen 446
    Een internationaal vraagstuk 452
    Nederlands beleid 455
    Het Comité voor Bijzondere Joodse Belangen 462
    Prof. dr. D. Cohen 465
    Het Joodse Vluchtelingencomité 469
    Na de Anschluss 477
    De Reichskristallnacht 481
    De eerste kampen 489
    De politieke vluchtelingen 493
    Duitse nationaal-socialisten in actie 506
    Prins Bernhard 518

Hoofdstuk 15 - De defensie 530
    De bezetting van het Rijnland (maart '36) 536
    Achterstand 543
    Anschluss en Sudetencrisis (1938) 555
    De crisis van lente '39 564
    Het debat over het krijgsbeleid 571
    Andere vormen van verdedigingsvoorbereiding 580

Hoofdstuk 16 - Van Colijn naar De Geer 590
    De zaak-Oss 595
    De val van Colijns vierde kabinet 597
    Zes weken crisis 600
    De SDAP 603
    De Geers formatie 607
    De minister-president 612
    De overige ministers 617
    Het Duits-Russisch bondgenootschap 632
    De CPN 636
    Mobilisatie 641
    Oorlog 651

Bijlage - De Nederlandse kabinetten 1918-1939 655

Lijst van illustraties 661

Lijst van kaarten 664


Rijksinstituut Voor Oorlogsdocumentatie / Staatsuitgeverij Den Haag;  
 

12. Boeknummer: 00346  
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 2 Neutraal
Oorlog -- Tweede wereldoorlog, algemeen           (1969)    [ dr. L. de Jong]
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 2 Neutraal
voor het Voorwoord zie ook boek 00345

Inhoud
Hoofdstuk i - Koningin Wilhelmina    1
    Jeugd en. vorming van de Koningin    14
    Koningin der Nederlanden    26

Hoofdstuk 2 - De eerste weken    45
    Op wacht    53
    Hitler heeft haast    62

Hoofdstuk 3 - Het Venlo-incident    73
    Voorgeschiedenis    84
    De overval    95
    Gevolgen    97

Hoofdstuk 4 - Het eerste alarm    105
    Effect    120

Hoofdstuk 5 - De neutraliteit als probleem    129
    Regeringsbeleid    140

Hoofdstuk 6 - Tussen twee vuren    150
    Scheepsverliezen    158
    Oorlogseconomie    103

Hoofdstuk 7 - De conflicten met generaal Reynders    171
    Het dispuut over het krijgsbeleid    182

Hoofdstuk 8 - Het tweede alarm    199

Hoofdstuk 9 - Generaal Winkelman treedt op    211
    De contacten met België, Frankrijk en Engeland    227

Hoofdstuk 10 - April '40    242
    De ‘Vijfde Colonne’    249
    Staat van beleg    267

Hoofdstuk 11 - ‘Fall Gelb'    283
    De Duitse spionage    286
    Het aanvalsplan    296
    ‘Sport en Spel’    308
    De Militarverwaltung    315
    Wat wist men aan Nederlandse kant?    321

Hoofdstuk 12 - De Nederlandse krijgsmacht    324
    Uitrusting    325
    Kader en manschappen    343
    De stellingen en de opstelling    349
    Slotsom    361

Hoofdstuk 13 - De ‘boze droom’    364
    Het vooruitzicht van langdurige strijd    365
    Het vooruitzicht van een Duitse bezetting    378
    Balans    388

Hoofdstuk 14 - Codewoord ‘Danzig'    395
    Het Duitse memorandum    399
    De missie van Kiewitz    402
    Voorzorgsmaatregelen    406
    'Fall Gelb'    414
'Morgenvroeg bij het aanbreken van de dag’    417
    Naar de bruggen    432
    Koningin en ministers    450

Lijst van illustraties    457

Lijst van kaarten    460

 Rijksinstituut Voor Oorlogsdocumentatie / Staatsuitgeverij Den Haag;  
 

13. Boeknummer: 00347  
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 3
Oorlog -- Tweede wereldoorlog, algemeen           (1970)    [dr. L. de Jong]
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 3 MEI 1940

Inhoud
Hoofdstuk 1 - Vrijdag 10 mei        1
       De strategische verrassing       3
        ‘Een vlammend protest’       35
       In Berlijn        51
       Algemeen Hoofdkwartier       54
       Zuid-Limburg       65
       Maaslinie en Peel-Raamstelling       70
       Van Mook tot Arnhem       82
       De IJsellinie       87
       De noordelijke provincies       94
       De evacuaties       97
       Het begin van de Vijfde Colonne-paniek       103
       De eerste arrestaties en interneringen       115
       Tussen Haarlem en Hoek van Holland        119
       Rotterdam       129
       Van Nieuwe Waterweg tot Hollands Diep       136
       De komst der Fransen       143
       Londen       148
       Balans       157

Hoofdstuk 2 - Zaterdag II mei       168
       De Vijfde Colonne-paniek       169
       Arrestaties en interneringen       181
       De Grebbelinie       185
       Noord-Brabant       196
       Vesting Holland       207
       Optimisme       224

Hoofdstuk 3 - Zondag 12 mei       228
       De val van de Wonsstelling       229
       Grebbelinie       232
       Vesting Holland       248
       Militaire Luchtvaart       258
       Het prinselijk gezin vertrekt       260
       De ministerraad       264
       Avond        272

Hoofdstuk 4 - Maandag 13 mei       275
       Bezuidenboutseweg 30       277
       De koningin vertrekt       279
       De ministers       282
        ‘Tot de laatste man standhouden’       292
       Komwerderzand       294
       Vesting Holland       296
       De val van de Grebbelinie       306
       Terugtocht       322

Hoofdstuk 5 - Dinsdag 14 mei       336
       Colijn       338
       Doorvechten!        341
       Rotterdam: ultimatum       343
       Rotterdam: bombardement en brand       354
       Rotterdam: overgave       367
       Winkelman capituleert       385
       Landmacht       398
       Marine       413
       De vluchtelingen       398
        ‘W ij hebben de strijd gestaakt’       413
       IJmuiden       418

Hoofdstuk 6 - Londen       423

Hoofdstuk 7 - De strijd in Zeeland en zijn nasleep       433
       De Zeeuwse eilanden.        436
     België en Frankrijk       445

Hoofdstuk 8 - Balans       460
       De verliezen       460
       De Duitse buit       462
       De ‘Vijfde Colonne’       464
       De nederlaag       469
       De krenking       476

Lijst van illustraties       482

Lijst van kaarten       487

Rijksinstituut Voor Oorlogsdocumentatie / Staatsuitgeverij Den Haag ;  
 

14. Boeknummer: 00348  
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 4 eerste helft
Oorlog -- Tweede wereldoorlog, algemeen           (1972)    [dr. L. de Jong]
Inhoud
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 4 MEI 1940 - MAART 1941

Hoofdstuk 1 - De Militarverwaltung komt en gaat       1
       Na Rijsoord       4
       De greep naar pers en radio       7
       Het centrale gezag       14
       Hitlers beleid       21
       Winkelman       28
       Seyss-Inquart arriveert       35

Hoofdstuk 2 - De heersers       44
       Seyss-Inquart       46
       De opzet van het Reichskommissariat       60
       Himmler en Rauter       65
       Het onderdrukkingsapparaat       75
       Schmidt       86
       Wimmer, Fischböck, Bene       90
       Coördinatie       95
       Christiansen       100
       Het garnizoen       105
       Op kosten van Nederland       108
       In strijd met het volkenrecht        110

Hoofdstuk 3 - Onder controle       114
       
       De secretarissen-generaal       116
       Snouck Hurgronje       131
       Ringeling       133
       Scholtens       134
       Van Poelje       135
       Tenkink       137
       Trip       138
       Spitzen       140
       Six       141
       Frederiks       142
       De eerste ontslagen op de bestuurssector       146
       Hirschfeld       150

Hoofdstuk 4 - Werken voor de vijand       159
       Winkelmans richtlijnen       161
       Overstag       165
       Ringeling en de Artillerie-Inrichtingen       170
     Vliegvelden voor de Luftwaffe       174
       De spoorwegen       180
       Militaire productie       184
       Export van werklozen       189
       Terugblik       194

Hoofdstuk 5 - Mussert presenteert zich       204
       De bespreking met Leutnant Töpfer       206
       Alles loopt mis       210
       Rost van Tonningens terugkeer       215
       Nieuwe moeilijkheden       218
       De ‘Hagespraak der bevrijding’       218

Hoofdstuk 6 - Zes bewogen weken       229
       De demobilisatie en de terugkeer der krijgsgevangenen       237
       Engeland vecht door       242
       Herwonnen zelfbewustzijn       248

klik op de pijlpunt links voor het volledige voorwoord



Hoofdstuk 7 - Anjerdag en zijn nasleep       258
       Tegenmaatregelen       268
       Winkelmans laatste verzet       278
       Het erewoord der beroepsofficieren       286
       Hulp aan de Duitse oorlogsvoering       303

Hoofdstuk 8 - Een compromisvrede ?        308
       De eerste groep Indische gijzelaars       311
       Plesmans vredespoging       319
       Een telegram naar Batavia       324
       De tweede groep Indische gijzelaars       326
       De missie Jongejan-Boerstra       328

Hoofdstuk 9 - De ‘Nieuwe Orde’       333
       Roof, vordering en aankopen       336
       De kapitaals-Verflechtung mislukt       344
       De opheffing van de deviezengrens       349
       Staatsfinanciën       357
       Oorlogsschade       360
       Touwtrekken om de productie       368
       Daling van de levensstandaard       374

Hoofdstuk 10 - Seyss-Inquart zoekt een basis       379
       Naar de Siebener-Ausschuss        382
       Prof. Snijder en zijn Cultuurkring       387
        ‘Geen voorkeur voor enige partij’       391
       Seyss-Inquarts eerste rapport       407

Hoofdstuk 11 - Rost van Tonningen faalt       414
       Het NW overvallen       420
       Arbeiderspers       428
       Vara       438
       SDAP       443
       Mislukt       454



Voorwoord
Nu mijn werk de periode van de Duitse bezetting genaderd is, heb ik de behoefte, vooraf een enkele opmerking te maken.
Ik ben mij bewust, een taak ter hand te nemen die in enkele wezenlijke opzichten moeilijk op bevredigende wijze uitgevoerd
kan worden. Geschiedschrijving tracht een herschepping te zijn van het verleden - maar hoe kan ik, om slechts dat
ene te noemen, de duur, het tartend-trage tijdsverloop van die vijf bezettingsjaren onder woorden brengen? Hoe het gestadig
toenemen der verschrikkingen zoals dat door de toen levenden ondergaan is ? Hoe de gebondenheid aan het wereldnieuws die
uit de dagelijkse ergernis en verontwaardiging voortvloeide?
Wij weten niet eens, hoeveel mensen in bezet gebied van de zomer van ‘40 af regelmatig naar de Londense uitzendingen
luisterden. Wèl weten wij dat veruit de meeste Nederlanders ‘leefden’ op het nieuws van de oorlog - d.w.z. op de als regel
schaarse en zich tot de buitenkant der gebeurtenissen bepalende berichten die van Geallieerde zijde doorgegeven werden.
Daarbij moet men dan onmiddellijk aantekenen dat zeer velen onder die Nederlanders de neiging hadden (gevolg van de
druk waaraan men blootstond) om dat nieuws uitzonderlijk optimistisch te interpreteren.
Het latere perspectief, het historische, werkt vertekenend.
Objectief en achteraf gezien doorstond de Nederlander vijf bezettingsjaren of, voorzover hij in een groot deel van het
zuiden des lands woonde, bijna vier-en-een-half; subjectief en toentertijd beleefde hij een periode van gestadig toenemende
verarming, druk en terreur die, aldus zeer velen, onmogelijk langer dan nog enkele maanden kon duren - die optimistische
verwachting schoof gelijk met de tijd op.
Verarming, druk en terreur zal ik trachten te schetsen in de vele vormen waarin zij zich voordeden, maar voor ik daartoe
overga, wil ik herinneren aan het woord van Sartre die, kort na de bevrijding van Parijs schrijvend, er zijn Engelse lezers die
geen denkbeeld hadden van hetgeen een bezetting betekende, op wees, dat ‘de verschrikking ... ondragelijk was en dat wij
er ons uitstekend aan konden aanpassen.*1 *1J. P. Sartre: ‘Paris sous l occupation’ in La France libre (Londen), no. 49 (15
nov. 1944), p. 12.

Het zou onjuist zijn, bij de schildering van de bezettingsjaren gebruik te maken van een palet waarop alleen de kleuren grijs en
zwart voorkomen.

klik op de pijlpunt links voor het volledige voorwoord


Juist in de nood konden de simpelste dingen des levens sterke geluksgevoelens opwekken. Zijn er niet velen die ook jaren later
in alle eerlijkheid bekenden dat zij nooit intenser geleefd hadden dan in de periode der bezetting ? Er is toen veel
gehuild - er is toen veel gelachen, en het is ook die ambivalentie (ambivalentie van situaties en van gevoelens) die het
moeilijk maakt, van de jaren ’40-’45 een voor de tijdgenoot herkenbaar beeld op te roepen.
Ik wil verder gaan en wel bekennen dat ik er ook geenszins naar gestreefd heb, mijn relaas binnen de perken te houden van
dat voor de tijdgenoot herkenbare beeld. ‘De tijdgenoot’ is trouwens een abstractie; de velen die nog in leven zijn van hen
die de bezetting doorstonden, hebben elk hun eigen herinneringen. Zoveel overlevenden, zoveel herinneringsbeelden. Die
beelden stemmen slechts in één opzicht overeen: ze zijn individueel, ze zijn beperkt. Want het was misschien wel de meest
wezenlijke karaktertrek van de bezettingstijd dat men van datgene wat zich buiten het eigen bestaan en de eigen kring
afspeelde, bitter weinig wist. De pers stond onder repressieve censuur en was in haar berichtgeving goeddeels een instrument
geworden van Duitse propaganda; de vrijheid van vergadering was opgeheven; gemeenteraden en provinciale staten voerden,
tot zij in de herfst van ‘41 verdwenen, een schijnbestaan; Eerste en Tweede Kamer kwamen in het geheel niet bijeen en
het land werd onder Duitse supervisie en in menig opzicht volgens Duitse richtlijnen administratief bestuurd door de
secretarissen-generaal der verschillende departementen. Die Duitse supervisie, die Duitse richtlijnen en de beleidsoverwe-
gingen dier Nederlandse hoofdambtenaren droegen een geheim karakter. Zo is het, in wezen, tot het einde der bezet-
ting gebleven - met dien verstande dat, terwijl het officiële nieuws steeds schraler werd, de redacties van de illegale bladen
er in toenemende mate in slaagden, inlichtingenbronnen op de departementen aan te boren. Dat nam veel tijd. Bovendien
kreeg lang niet iedereen nummers van illegale bladen in handen. Wat de Londense radio (Radio Oranje en BBC) aan
‘binnenlandse’ informatie bracht, was, behalve in de laatste bezettingswinter, steeds geruime tijd bij de feiten ten achter,
veelal schaars en soms onbetrouwbaar. Dat alles tezamen gaf de periode der bezetting het karakter van volstrekte-ondoor-
zichtigheid.
Pas nu kunnen wij nauwkeurig en in detail overzien hoe de vertegenwoordigers van het Derde Rijk (de werkelijke
machthebbers), al hun onderlinge tegenstellingen ten spijt, systematisch getracht hebben, het Nederlandse volk in te
schakelen bij de Duitse oorlogsinspanning en te forceren tot aanvaarding van het nationaal-socialisme - het eerste met meer
succes dan het tweede; overzien kunnen wij de actie der Nederlandse nationaal-socialisten, dromend van de dag waarop
hun Mussert (of Kruyt, of van Rappard, of Feldmeijer) het in ons land voor het zeggen zou hebben; overzien kunnen wij het
beleid van de secretarissen-generaal, beter misschien: van de verschillende secretarissen-generaal, want er is na een korte
aanloop eigenlijk geen sprake meer geweest van gemeenschappelijk beleid; overzien kunnen wij, zij het soms met
pijnlijke lacunes, de bedrijvigheid der illegale groeperingen waaraan, van een vroeg stadium af, bij alle solidariteit in de
strijd tegen de vijand en zijn handlangers, politieke tegenstellingen niet vreemd waren; overzien kunnen wij óók het
beleid van de Nederlandse regering te Londen - en daarbij was mijn conclusie dat zij over het algemeen tot in de voor-
zomer van 1944 weinig feitelijke invloed uitgeoefend heeft op de ontwikkelingen in bezet gebied.
Dat laatste is voor de verdere indeling van mijn werk van speciaal belang.
Op grond van die conclusie komt het mij namelijk zinvol voor om dit deel en de eerstvolgende delen te concentreren op
de beschrijving van de worsteling die, tegen de achtergrond van het algemene oorlogsverloop, tot in die voorzomer van ‘44
in bezet Nederland gevoerd is; het is mijn voornemen, daarbij de lotgevallen van al diegenen (krijgsgevangenen, dwang-
arbeiders, geïnterneerden, politieke en andere gevangenen, gedeporteerde Joden) die als het ware uit de Nederlandse
samenleving gelicht werden, apart te beschrijven. Daarna komt het beleid van de regering te Londen, met inbegrip van
de strijdkrachten, de koopvaardij, Suriname en de Antillen, aan de orde tot het moment (voorzomer ’44) waarop uit
Londen de impuls komt tot coördinatie van de illegaliteit en waarop na het fiasco van het Englandspiel het zenden van
wapens naar de illegale groepen hervat wordt. Er resten dan nog het laatste bezettingsjaar en Nederlands-Indië vóór en
tijdens de Japanse bezetting. Het slotdeel zal het karakter dragen van een epiloog.
In dat slotdeel zullen ook de in de verschillende drukken aangebrachte correcties opgenomen worden alsmede de kritische
beschouwingen die dan naar aanleiding van de verschijning der successieve delen in de pers of in vaktijdschriften
gepubliceerd zijn. Ik beschouw het als een integraal onderdeel van de opdracht die mij verleend werd om de kritiek op mijn
werk in dat werk zelf op te nemen. Het nageslacht moet niet alleen van mijn visie kennis kunnen nemen maar ook, en
tegelijk, van de visies van mijn critici.
L. DE JONG


Rijksinstituut Voor Oorlogsdocumentatie / Staatsuitgeverij Den Haag;  
 

15. Boeknummer: 00349  
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 4 tweede helft
Oorlog -- Tweede wereldoorlog, algemeen           (1972)    [dr. L. de Jong]
Inhoud
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 4 tweede helft

Hoofdstuk 12 - De aanloop tot de Nederlandse Unie 459
        Eendracht of eenheid? 460
        Kritiek op het vooroorlogs bestel 464
        Het Driemanschap 473
        De eerste aanloop 480
        De tweede aanloop 496
        De derde aanloop 500

Hoofdstuk 13 - Twee beslissende maanden 505
        De Nederlandse Unie steekt van wal 505
        Eykmans brochure 512
        Het anti-revolutionair réveil 514
        Invasie van Engeland ? 523
        Mussert krijgt een streepje voor 525
        De WA komt in actie 541
        Mussert bezoekt Hitler 548
        Invasie van Engeland gaat niet door 551
        Publieke opinie 553
        NSB: gehate minderheid 557

Hoofdstuk 14 - In de pas! 561
        Pers 566
        Radio 601
        Opbouwdienst 618
        Boekenzuivering 626
        Oprichting van de Winterhulp Nederland 631
        Balans 636

Hoofdstuk 15 - De eerste illegalen 638
        De ‘Geuzen’ 639
        Paramilitaire groepen 643
        Spionage 651
        Ondergrondse pers 661
        Beleid van de politie 674

klik op de pijlpunt links voor de volledige inhoud


Hoofdstuk 16 - Het begin der Jodenvervolging 689
        De eerste maanden 691
        Het beleid der secretarissen-generaal 699
        De eerste protesten 708
        De kerken 714
        De Joden uit overheidsdienst verwijderd 725
        Cleveringa’s toespraak 736

Hoofdstuk 17 - Groeiende verontwaardiging 747
        Engeland komt sterker te staan 750
        Winter 756
        NSB 758
        Nationaal Front 763
        Nederlandse Unie 766
        WA tegen Unie 779
        Het Driemanschap valt bijna uiteen 785
        De Winterhulp wordt afgewezen 789
        Mandement tegen de NSB 794

Hoofdstuk 18 - De Februaristaking 800
        Nieuwe anti-Joodse maatregelen 807
        Vechtpartijen 814
        Razzia 828
        Communistische Partij Nederland 834
        De staking 851
        Reacties 862
        De achttien doden 874

Bijlage - Datumlijst van de belangrijkste gebeurtenissen 879

Lijst van illustraties 884

Lijst van kaarten 886


Rijksinstituut Voor Oorlogsdocumentatie / Staatsuitgeverij Den Haag;  
 

16. Boeknummer: 00350  
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 5 eerste helft MAART 1941 - JULI 1942
Oorlog -- Tweede wereldoorlog, algemeen           (1974)    [dr. L. de Jong]
Inhoud
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 5 eerste helft MAART 1941 - JULI 1942

Hoofdstuk 1 - Lente ’41 1
        Oorlogsverloop en -perspectief 5
        Publieke opinie 15
        Het Duitse spel 28
        Nationaal Front 32
        Nederlandse Unie 36
        Straatterreur 47
        Mussert 55
        Fall Barbarossa 69

Hoofdstuk 2 - Na de 22ste juni 81
        Eerste reacties 87
        ‘Nederlanders, blikt naar het oosten!’ 96
        Opheffing der politieke partijen 130
        Publieke opinie 141
        De Sowjet-Unie houd stand 163

Hoofdstuk 3 - Vrij baan voor de NSB ! 171
        NSB contra NSNAP 176
        Seyss-Inquart bij Hitler 181
        De NSB ‘enig toegelaten partij’ 187
        Nationaal Front 192
        Nederlandse Unie 196
        Twee eedsafleggingen 208
        Opnieuw: de gehate minderheid 219

Hoofdstuk 4 – Gelijkschakeling 228
        Verduitsing 231
        Bestuursapparaat 237
        Goedewaagen en zijn departement 249
        Kultuurkamer en Kultuurraad 256
        Pers 267
        Radio 307
        Van Dam en het onderwijs 318
        Bijzonder onderwijs: het eerste treffen 335
        Vakcentrales 349
        Het katholiek réveil 361
        CNV 380
        Organisaties van werkgevers 382
        Naar het Nederlands Arbeidsfront 380
        Landbouw-organisaties 389
        Verenigingswezen 394
        Organisaties op het gebied van de volksgezondheid 402
        Balans 413

Hoofdstuk 5 - Verscherpte controle 418
        Het persoonsbewijs 422
        De politie 434
        Terugblik 448

Hoofdstuk 6 - Naar het ghetto 456
        Joodse Coördinatie-Commissie en Joodse Raad 482
        Registratie der Joden 503
        Isolering 516
        Visser contra Cohen 545
        Roof 554
        Overzicht 581

Rijksinstituut Voor Oorlogsdocumentatie / Staatsuitgeverij Den Haag;  
 

17. Boeknummer: 00351  
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 5 tweede helft MAART 1941 - JULI 1942
Oorlog -- Tweede wereldoorlog, algemeen           (1974)    [ ]
Inhoud
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 5 tweede helft MAART 1941 - JULI 1942

Hoofdstuk 7 - Amerika komt in de oorlog 587
        Engeland nog steeds in het defensief 589
        Roosevelts Victory-Program 599
        Pearl Harbor 603
        Indië veroverd 629
        Arbeidsinzet 634

Hoofdstuk 8 - Van kerken en kunstenaars 645
         Hitler: ‘voorlopig geen kerkstrijd!’ 651
         Hervormden / Gereformeerden 664
         Convent der Kerken 677
         Bijzonder onderwijs: het tweede treffen 691
         Episcopaat 704
         Titus Brandsma 712
         De kunstenaars en de Kultuurkamer 724

Hoofdstuk 9 - De illegaliteit 754
         ‘Pilotenhulp’ 755
         Sabotage 759
         De proclamatie van Schrieke, Hirschfeld en Frederiks 763
         Illegale pers 768
         De illegale CPN 779
         De OD 796
         Vorrink / Het Parool 807
         Het Grootburgercomité 814

Hoofdstuk 10 - Contact met Londen 820
         Engelandvaart 822
         De ‘Zweedse Weg’ begint 827
         Londen contra Abwehr en Sicherheitspolizei 829
         Spionagegroepen 839
         Geheime agenten 847
         Een weg via het strand 854
         Begin van het Englandspiel 870
         Weer: via het strand 885
         Nieuwe arrestaties 892
         Nabeschouwing 894

Hoofdstuk 11 - Een Tweede Front? 899
         Plan for Holland 909
         Duitse maatregelen 914
         Publieke opinie 933

Hoofdstuk 12 - Naar de Endlösung 938
         Legale emigratie 957
         Competentie-conflicten in bezet Nederland 966
         Verantwoordelijkheden 986
         De Jodenkartotheek van de Zentralstelle 999
         ‘Emigratie’ der Duitse Joden’ 1002
         De Joodse werkkampen 1005
         Gedwongen verhuizingen 1016
         Invoering der Neurenberger wetten 1023
         Reacties in niet-Joodse kringen 1025
         De Jodenster 1032
         Laatste voorbereidingen 1046

Bijlage 1 - Datumlijst van de belangrijkste gebeurtenissen 1059

Bijlage 2 – Overzicht van de SS-rangen 1066

Bijlage 3 - De geheime agenten, juni 1941 - juni 1942 1068

Lijst van illustraties 1069

Lijst van kaarten 1071


Rijksinstituut Voor Oorlogsdocumentatie / Staatsuitgeverij Den Haag;  
 

18. Boeknummer: 00352  
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 6 eerste helft JULI 1942 - Mei 1943
Oorlog -- Tweede wereldoorlog, algemeen           (1975)    [dr. L. de Jong]
Inhoud
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 6 eerste helft JULI 1942 - Mei 1943

Hoofdstuk 1 - Jodendeportaties, eerste fase 1
        Protesten 10
        Naar een nieuw systeem 23
        Nederlandse Spoorwegen 37
        Vlucht en onderduik 41
        Uitzonderingen ? 50

Hoofdstuk 2 - Waar blijft het Tweede Front? 55
        De fietsenvordering 57
        De vijf gijzelaars van Rotterdam 62
        De landing bij Dieppe en haar gevolgen 76

Hoofdstuk 3 - De illegaliteit 87
        Eerste falsificatie- en verzorgingsgroepen 89
        Illegale pers 124
        Spionagegroepen / Verbindingen met Londen 135
        Sabotage 156
        CPN 160
        De OD 173
        Nationaal Comité 186
        Het Spiel tegen Vorrink 195
        Terugblik 213

Hoofdstuk 4 - Jodendeportaties, tweede fase 216
        De Joodse werkkampen leeggehaald 223
        Rol van de politie 230
        In de val 241
        De Joodse Raad 247
        De ‘stempels’ en ‘lijsten’ 255
        Candidaten voor emigratie 262
        Bestemd voor Theresienstadt 270
        De gemengd-gehuwden 278
        'Rüstungs-Juden 282
        ‘Diamant-Juden’ / het ‘120 000 stempel’ 286
        ‘Christen-Juden’ 289
        De Calmeyer-gevallen 293
        Terugblik 303
        Nieuwe ophaalacties 305
        Het Judendurchgangslager Vught 316
        Het leeghalen der woningen 321
        Hulp aan Joden 325
        De ‘Jodenjagers’ 345
        Naar de derde fase 353

Hoofdstuk 5 – De ‘foute’ sector 358
        Mussert 359
        Organisatie der NSB 363
        Financiën 365
        Leden 367
        De geheime dienst der NSB / Denunciaties 377
        De WA 386
        De SS 390
        ‘Foute’ gezagsdragers 405
        Duitse semi-militaire hulpdiensten 417
        ‘Oostfront-vrijwilligers’ 421
        ‘Oostinzet’ 430
        Departement van Volks voorlichting en Kunsten / Kultuurkamer 445
        Nederlands Arbeidsfront 458
        Nederlandse Landstand 461
        Winterhulp / Volksdienst 468
        Nederlandse Arbeidsdienst 476
        Slot 489

Rijksinstituut Voor Oorlogsdocumentatie / Staatsuitgeverij Den Haag;  
 

19. Boeknummer: 00354  
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 7 eerste helft Mei 1943 - Juni 1944
Oorlog -- Tweede wereldoorlog, algemeen           (1976)    [ dr. L. de Jong]
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 7 eerste helft Mei 1943 - Juni 1944
Inhoud
Hoofdstuk 1 - Verarmend Nederland 1
        Duits offensief 5
        Nederlands defensief 14
        Vorderingen 36
        Vervoer 61
        Steenkolen 70         
        Industrie 79
        Bouwsector 112
        Collaboratie 115
        Agrarische sector 125
        Visserij 148
        Distributie van levensmiddelen 150
        Prijsbeheersing 172
        Vermogens / Inkomens 176
        De zwarte markt 186
        De Duitse zwarte aankopen 207
        ‘Zwevende koopkracht’ / Financiële         plundering 226
        Criminaliteit 251
        Volksgezondheid 255
        Terugblik 260

Hoofdstuk 2 - Jodendeportaties, derde fase 270
        Sterilisatie der gemengd-gehuwden 274
        De laatste grote razzia’s 286
        Wat wist men van Auschwitz en Sobibor? 308
        Terugblik op de deportaties 348

Hoofdstuk 3 - Slot der Jodenvervolging 381
        De legale rest 381
        Vermogensliquidatie 401
        Antisemitisme 416
        De jacht op de Joodse onderduikers 423
        Weinreb 428
        De Joodse onderduik 442

Hoofdstuk 4 - ‘Vóór de herfstbladeren, vallen’ 463

Hoofdstuk 5 - Rauters offensief 505
        De dood van Generalkommissar Schmidt 510
        Harster wordt overgeplaatst 518
        Confiscatie der radio’s 522
        Artsencrisis 533
        Studenten / Hoger onderwijs 542
        Werken in Duitsland 557
        Arbeidsinzet 568
        Jacht op onderduikers 613
        De Tweede Distributiestamkaart 625
        Een ander Nederland 658

 Rijksinstituut Voor Oorlogsdocumentatie / Staatsuitgeverij Den Haag;  
 

20. Boeknummer: 00355  
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 7 tweede helft Mei 1943 - Juni 1944
Oorlog -- Tweede wereldoorlog, algemeen           ( 1976)    [dr. L. de Jong]
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 7 tweede helft Mei 1943 - Juni 1944

Inhoud
Hoofdstuk 6 - Hulp aan onderduikers 665
        Distributiebescheiden 674
        Persoonsbewijzen en andere identiteitspapieren 679
        De PBC / De dood van Gerrit van der Veen 691
        Diverse verzorgingsgroepen 704
        De LO/LKP 707
        ‘Kleykamp’ gebombardeerd 769
        Financiële hulp 776
        ‘Zeemanspot’ / Nationaal Steunfonds 779

Hoofdstuk 7 - Ander illegaal werk 806
        Illegale pers 808
        Illegale bellettrie 833
        Nationaal Comité van Verzet 840
        Spionage 850
        Zwitserse Weg 892
        ‘Pilotenhulp’ 9l0
        CS-6 924
        Illegale CPN 934
        Raad van Verzet 943
        Zelfbescherming 967
        Terugblik 988

Hoofdstuk 8 - De illegalen 994
        Verzet en illegaliteit 995
        Illegale werkers 1OO5
        Techniek 1018
        Spanningen 1029
        Voortrekkers 1046

Hoofdstuk 9 - Coördinatie der illegaliteit? 1053
        Vaderlands Comité 1062
        De OD 1069
        Conflicten 1087
        Val van het Nazi-regime? 1105
        Bosch van Rosenthals coördinatie-poging 1138
        ‘De Kem’ 1147
        Van Heuven Goedhart vertrekt 1152
        Prof. Rutgers vertrekt 1155
        De regering grijpt in 1161

Hoofdstuk 10 - NSB en SS 1178
        Demoralisatie 1180
        Musserts worsteling 1184
        Landstorm Nederland 1202
        Nederlandse Landwacht 1204
        ‘Silbertanne’-moorden 1213

Hoofdstuk II - Naar ‘D-Day’ 1234
        Oorlogsverloop 1243
        Festung Europa 1262
        Kustverdediging 1271
        Inundaties / Evacuaties 1278
        ‘Spitten voor de Moffen’ 1283
        Razzia op Zigeuners 1297
        Ausnahmezustand 1307
        Publieke opinie 1312
        ‘Over lord’ 1317

Bijlage - Datumlijst van de belangrijkste gebeurtenissen 1329

Lijst van illustraties 1335

Lijst van kaarten 1338

Rijksinstituut Voor Oorlogsdocumentatie / Staatsuitgeverij Den Haag;  
 

21. Boeknummer: 00356  
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 8 eerste helft Gevangenen en Gedeporteerden
Oorlog -- Tweede wereldoorlog, algemeen           (1978)    [dr. L. de Jong]
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 8 eerste helft Gevangenen en Gedeporteerden

Inhoud
Hoofdstuk 1 - Het Duitse systeem 1
        Himmler en de Gestapo '33—'39 9
        Concentratiekampen '33-'39 14
        Rechtspraak '33-39 22
        Oorlog 27
        Rechtspraak '39-45 28
        Schutzhäftlinge '39-45 35
        Nacht-und-Nebel-gevangenen 41
        Executies en massale uitroeiing 49
        Medische experimenten 64
        Concentratiekampen ’39-’45: drie fasen 73
        De ‘officiële’ kampen en hun Aussenkommandos 74
        Gevangenen: kategorieën en aantallen 80
        SS-ondememingen 86
        Van de eerste naar de tweede fase 93
        De gevangenen en de oorlogsproductie 102
        Totaalcijfers 111
        Slot 115

Hoofdstuk 2 - Krijgsgevangenen 118
        De groep der generaals 125
        De Colditz-groep 127
        De Stanislau / Neu-Brandenburg-groep 132
        De groep uit '43 146
        Terugblik 155

Hoofdstuk 3 - Gijzelaars 157
        Indische gijzelaars 160
        Duits beleid 173
        Acht executies 176
        De Brabantse kampen 184

Hoofdstuk 4 - ‘Politieke gevangenen’ 203
        Vervolging 204
        Arrestatie 219
        Verhoor 224
        Gevangenschap 248
        Berechting 302
        Doodstraf 341
        Transport 358
        Gevangenissen en tuchthuizen in Duitsland 360

Hoofdstuk 5 - Het concentratiekamp 374
        De SS 378
        Aankomst 411
        Eén dag 415
        Werk 433
        Appèls 440
        Koude 443
        Honger 445
        Ziekzijn 454
        Slechte en minder slechte kampen 460
        Pakketten 470
        De Kapo’s 479
        Reacties 497
        Groepsverschillen 517
        Verzet 537
        Slot 545

Rijksinstituut Voor Oorlogsdocumentatie / Staatsuitgeverij Den Haag;  
 

22. Boeknummer: 00357  
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 8 tweede helft Gevangenen en Gedeporteerden
Oorlog -- Tweede wereldoorlog, algemeen           ( 1978)    [dr. L. de Jong]
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 8 tweede helft Gevangenen en Gedeporteerden

Inhoud
Hoofdstuk 6 - Concentratiekampen in Nederland 551
        Schoorl 553
        Amersfoort 555
        Ommen 596
        Vught 6oó
        Terugblik 658


Hoofdstuk 7 - Gedeporteerde Joden 663
        Barneveld 674
        Judendurchgangslager Vught 677
        Westerbork 689
        Theresienstadt 730
        Bergen-Belsen 736
        Trein naar ‘Polen’ 746
        De Kosel-groep 752
        Auschwitz 763
        Sobibor 822

Hoofdstuk 8 - Terugblik 841

Hoofdstuk 9 - Hulp van buiten 852
        Hulporganisaties 857
        Hulp aan krijgsgevangenen 878
        Hulp aan gijzelaars 882
        Hulp aan gevangenen in gevangenissen 882
        Hulp aan gevangenen in concentratiekampen in Nederland 885
        Hulp aan gevangenen in concentratiekampen in Duitsland 891
        Hulp aan gedeporteerde Joden 904
        Slot 921

Bijlage - Overzicht van de SS-rangen 931

Lijst van illustraties 933

Lijst van kaarten 935

Lijst van tabellen 936

Rijksinstituut Voor Oorlogsdocumentatie / Staatsuitgeverij Den Haag;  
 

23. Boeknummer: 00358  
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 9 eerste helft Londen
Oorlog -- Tweede wereldoorlog, algemeen           (1979)    [dr. L. de Jong]
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 9 eerste helft Londen

Inhoud
Hoofdstuk 1 - Eerste maanden 1
        Begin 5
        Wilhelmina 10
        Eerste wetsbesluiten 14
        Vluchtelingen 21
        Strijdkrachten 29
        Koopvaardij 38
        Verdeeldheid 43
        De koningin grijpt in 75
        De Geers ‘desertie’ 90

Hoofdstuk 2 - Koningin en minister-president 97
        Wilhelmina 103
        Engelandvaarders 122
        Gerbrandy 129

Hoofdstuk 3 - Gerbrandy’s eerste jaar 144
        Nieuwe verdeeldheid 146
        Geïnterneerde Rijksduitsers en ‘Indische gijzelaars’ 156
        Van Rhijn verlaat het kabinet 168
        Dijxhoorn neemt ontslag 170
        22 juni '41: de Sowjet-Unie overvallen 189
        Tweede kabinet-Gerbrandy 193
        Amerikanen naar de West 203
        Steenberghe en Welter nemen ontslag 206


Hoofdstuk 4 - Indië bedreigd 219
        Indische defensie 226
        Hervormingen? 231
        Verhouding tot Japan 247
        Samenwerking met Britten en Amerikanen 254
        Naar de crisis 266
        Hoofdstuk 5 - Indië valt 274
        Hulp aan Indië 282
        Abda-Command 294
        Einde 315

Hoofdstuk 6 - Doorvechten! 330
        Gerbrandy’s positie versterkt 336
        Nieuwe ministers 341
        Prinses Juliana / Prins Bernhard 365
        Buitengewone Raad van Advies 373
        Beleid jegens bezet Nederland 379
        A 1 en A 6 419
        Regeringsfinanciën 429
        Rekenkamer 442
        Diverse activiteiten 446
        De West 461

Hoofdstuk 7 - Hulp aan Engelandvaarders en Joodse vluchtelingen 492
        De regering en de Joden 498
        Regeringscommissariaat voor de vluchtelingen 526
        Zweden 537
        Frankrijk en België 540
        Zwitserland 563
        Spanje 577
        Portugal 592
        Terugblik 596

Hoofdstuk 8 - Buitenlands beleid 605
        Gezanten naar Moskou en naar het Vaticaan 614
        Kleine en grote mogendheden 623
        Duitslands toekomst 632
        Atlantische samenwerking? 640
        Benelux 652
        Slot 656

Hoofdstuk 9 - Strijdkrachten 658
        Recrutering 662
        Irene-brigade 674
        No. 2 (Dutch) Troop van de Commandos 682
        Bij de RAF / Marineluchtvaartdienst 685
        Marineschepen 694

Rijksinstituut Voor Oorlogsdocumentatie / Staatsuitgeverij Den Haag;  
 

24. Boeknummer: 00359  
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 9 tweede helft Londen
Oorlog -- Tweede wereldoorlog, algemeen           (1979)    [dr. L. de Jong]
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 9 tweede helft Londen

Inhoud
Hoofdstuk 10 - Koopvaardij 721
        Op zee 727
        De Shipping 750
        Vaarplicht en vordering 768
        Kerstens en de reders 774
        De koopvaardij onder overheidsbewind 785
        Slot 790

Hoofdstuk 11 - Geheime diensten 794
        De diensten en hun werk 795
        Van ’t Sant 811
        Opleiding en uitrusting der geheime agenten 836
        Centrale Inlichtingendienst 849
        SOE-Dutch vóór het Englandspiel 856
        Groep-Hazelhoff Roelfzema / Kolonel de Bruyne 859
        Plan for Holland / Plan B 875
        Crisis in het inlichtingenwerk 888
        ‘Zweedse Weg’ 897
        ‘Zwitserse Weg’ 900
        Bureau Inlichtingen 908
        Bureau Bijzondere Opdrachten 921
        Terugblik 929

Hoofdstuk 12 - ‘Englandspiel’ 936
        Security-checks 941
        Verloop van het Englandspiel tot juni '43 947
        Waarschuwingen 987
        Het Englandspiel in de tweede helft van '43 997
        Dourlein en Ubbink / Schoon schip 1002
        Het lot der agenten 1022
        Slot 1028

Hoofdstuk 13 - Hoe Indië te bevrijden? 1041
        De 7 december-toespraak 1049
        Militaire zaken / bestuur 1070
        Concentratie waar? 1088
        Plan 1: de nieuwe vloot 1095
        Plan 2: de mariniersbrigade 1097
        Plan 3: de gezagsbataljons 1100
        Plan 4: het legerkorps 1106
        Plan 5: de luchtmacht 1114
        De regering en de Geallieerde strategie 1118
        Slot 1121

Hoofdstuk 14 - ‘Vernieuwd’ Nederland? 1131
        De plaats van de kerken 1138
        Partijwezen 1163
        Staatsbestel 1183
        Radiobestel 1197
        Sociaal bestel 1201
        Slot 1209

Hoofdstuk 15 - Bijzondere rechtspleging / Zuivering /Rechtsherstel 1212
        Bijzondere rechtspleging 1213
        Zuivering 1222
        Rechtsherstel 1234
        Slot 1238

Hoofdstuk 16 - Economische en sociale wederopbouw 1240
        Voedselaankoopbureau 1241
        Kerstens in moeilijkheden 1245
        Netherlands Office for Relief and Rehabilitation 1249
        Financiën en economie 1252
        Sociaal beleid 1259

Hoofdstuk 17 - Strijd om de macht 1266
        Vier wensen van de koningin 1269
        Bijzondere Staat van Beleg 1298
        Het apparaat van het Militair Gezag 1315
        Van den Tempel en de repatriëring 1326
        Conflict inzake de ‘kwartiermakers’ 1329
        Van Angeren en Kerstens nemen ontslag 1332
        Slot 1351

Hoofdstuk 18 - De regering en de bestuursvoorziening 1356
        Provinciale en gemeentelijke besturen 1357
        Vertegenwoordigende lichamen 1361
        Oppositie 1373
        Conflict met de koningin 1387
        Slot 1394

Hoofdstuk 19 - De regering en de illegaliteit 1401
        Pro en contra de OD 1403
        De Staehle-zaak en haar gevolgen 1416
        Van Heuven Goedhart 1421
        Het telegram van 8 juni '44 1432

Datumlijst 1443

Bijlage 1 - De Londense ministeries, mei 1940- februari 1945 1449

Bijlage 2 - Overzicht van de geheime agenten die onmiddellijk vóór of door het ‘Englandspiel’ in Duitse handen vielen 1452

Lijst van illustraties 1455

Lijst van kaarten 1458

Lijst van tabellen 1458

Rijksinstituut Voor Oorlogsdocumentatie / Staatsuitgeverij Den Haag;  
 

25. Boeknummer: 00360  
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 10 eerste helft Het laatste Jaar I
Oorlog -- Tweede wereldoorlog, algemeen           (1980)    [dr. L. de Jong]
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 10 eerste helft Het laatste Jaar I

Inhoud
Hoofdstuk I — D-Day / De Geallieerde doorbraak 1
        D-Day 5
        Moeizame strijd 13
        Oostelijk front 21
        Aanslag op Hitler 29
        Geallieerde doorbraak 38

Hoofdstuk 2 — Bezet Nederland, zomer '44 52
        Dagelijks leven / Duitse druk 59
        Panorama der illegaliteit 78
        Coördinatie / Wie krijgt hulp uit Engeland? 101
        Begin van de spoorwegsabotage 110
        Verwarring aan Duitse kant 121

Hoofdstuk 3 - Londen, zomer '44 129
        Van Heuven Goedharts eerste weken in Londen 133
        Oprichting van het College van Vertrouwensmannen 141
        Augustus: een reeks conflicten 145
        Positie van het Militair Gezag 157
        Wapens voor de illegaliteit 160
        Prins Bernhard Bevelhebber der Nederlandse strijdkrachten 163
        Maandag 4 september 172

Hoofdstuk 4 — Dolle Dinsdag 175
        De NSB’ers op de vlucht 180
        De Nederlandse Arbeidsdienst stroomt leeg 199
        Alsof er geen bezetter meer was 201
        Six en het College van Vertrouwensmannen 209
        Acties der illegaliteit 221
        Het concentratiekamp Vught ontruimd 230
        Nieuws uit Londen 238

Hoofdstuk 5 — Van Dolle Dinsdag tot ‘Market-Garden' 240
        De Geallieerde transportcrisis 242
        Hitlers besluiten 248
        De Wehrmacht zet zich schrap 254
        Graven! 260
        Roof en terreur 265
        Nieuwe opdrachten aan de illegaliteit 273
        Raad van Verzet/Knokploegen 276
        Top-Driehoek 291
        Londen 301
        Maastricht bevrijd 305
        Opnieuw Londen 308

Hoofdstuk 6 - ‘Market-Garden' / Spoorwegstaking 310
        Zondag 17 september 327
        Spoorwegstaking 344
        Eindhoven / ‘Hell’s Highway’ 360
        Nijmegen 366
        Arnhem en Oosterbeek 372
        Londen 399
        Raad van Verzet/Knokploegen 403
        Begin van de vernieling der grote havens 409
        Is ‘Arnhem’ verraden ? 410
        Terugblik 428

Hoofdstuk 7 - De strijd in het Zuiden 432
        Zuid-Limburg 439
        Ten oosten van de ‘Corridor’ 442
        Venlo en Roermond 447
        Ten westen van de ‘Corridor’ 460
        Zeeland 472
        Tussen de grote rivieren 503
        Slot/Nederland gesplitst 508

Rijksinstituut Voor Oorlogsdocumentatie / Staatsuitgeverij Den Haag;  
 

26. Boeknummer: 00361  
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 10 tweede helft Het laatste Jaar I
Oorlog -- Tweede wereldoorlog, algemeen           ( 1980)    [dr. L. de Jong]
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 10 tweede helft Het laatste Jaar I

Inhoud
Hoofdstuk 8 — ‘Londen’ arriveert 515
        Militair Gezag - eerste perikelen 517
        De Binnenlandse Strijdkrachten krijgen arrestatie-
        bevoegdheid 534
        ‘Het MG moet alles doen’ 548

Hoofdstuk 9 — Problemen voor het Militair Gezag 553
        Het apparaat 561
        Oorlogsgebied 567
        Voedselnood 580
        Verdere transportproblemen / Het energietekort 589
        Goederentekort 609
        Sociaal-economisch beleid 617
        Zuivering 625
        Kritiek op het Militair Gezag / Terugblik 648

Hoofdstuk 10 - Politiek in het bevrijde Zuiden 663
        ‘Vernieuwing’ 667
        Ondernemers en arbeiders 686
        De ‘zuilen’ komen terug 691
        Terugblik 703

Hoofdstuk 11 — Recrutering / De Stoottroepen 708
        Oorlogsvrijwilligers en dienstplichtigen 719
        De Stoottroepen 727

Hoofdstuk 12 — Arrestatiebeleid 741
        Arrestatieregelingen in oktober en november '44 746
        December '44, januari '45: twee maanden vol conflicten 754
        De arrestatieregeling voor het nog te bevrijden gebied 783
        Het lot der gedetineerden 788
        Eerste Tribunalen 807
        Slot 809

Hoofdstuk 13 - Regering en Militair Gezag 823
        Kruis en de ‘kwartiermakers’ 825
        De strijd om het Militair Gezag in Londen 847
        Reacties 858
        Slot 862

Hoofdstuk 14 — Val van het tweede kabinet Gerbrandy 871
        De koningin zoekt bondgenoten 875
        Positie van prins Bernhard 886
        Een regeling voor het noodparlement? 890
        Het kabinet biedt ontslag aan 905

Hoofdstuk 15 — Het derde kabinet-Gerbrandy 925
        Gerbrandy zet Burger uit het kabinet 927
        De delegatie uit het bevrijde Zuiden 943
        Wie wordt formateur? 950
        Formatie 959
        Reacties / Beoordeling 972
        De koningin in het Zuiden 984
        Activiteit van het nieuwe kabinet 988

Datumlijst 993

Bijlage: Het tweede en het derde kabinet-Gerbrandy 999

Lijst van illustraties 1001

Lijst van kaarten 1005

Rijksinstituut Voor Oorlogsdocumentatie / Staatsuitgeverij Den Haag;  
 

27. Boeknummer: 00362  
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 10b eerste helft Het laatste Jaar II
Oorlog -- Tweede wereldoorlog, algemeen           (1981)    [dr. L. de Jong]
Het Koninkrijk der Nederlanden in WO II deel 10b eerste helft Het laatste Jaar II

Inhoud
Hoofdstuk 1 - Naar de katastrofe 1
        Vernieling van de havens van Rotterdam en Amsterdam 7
        De bezetter en de Spoorwegstaking 10
        Steenkooltekort 23
        De Wehrmacht grijpt in 31
        Putten / Renesse 43
        Nederland wordt leeggeroofd 68
        Dwangarbeid 82
        Terugblik 90

Hoofdstuk 2 — Jacht op de mannen 96
        Oosten en noorden des lands 98
        Het westen 104
        De Liese-Aktion 123
        Het lot der weggevoerden 140
        Na de jacht 150

Hoofdstuk 3 — Hongerwinter 153
        Daling der rantsoenen 157
        De Centrale Keukens 163
        Hirschfeld grijpt in 169
        De strijd tegen de koude 173
        Hongersnood 179
        Zwarte markt 211
        In bezet gebied georganiseerde hulp 221
        Hongertochten 244
        Terugblik 262

Hoofdstuk 4 - Seyss-Inquart / De ‘foute’ sector 267
        De gelijkschakeling opgegeven 271
        De NSB’ers in Duitsland 277
        Militarisatie 287
        De SS in de aanval 294
        Desintegratie van de NSB 297
        Seyss-Inquart 314

Hoofdstuk 5 - Terreur 324
        Apparaat van de SD 327
        De kampen Ommen en Amersfoort 339
        Martelingen 348
        Todeskandidaten 363
        Contacten in Den Haag 391
        De zogenaamde aanslag op Rauter 418

Hoofdstuk 6 - Illegaal werk 428
        Nieuwe moeilijkheden 429
        Illegale pers 446
        Hulp aan onderduikers 459
        De Spoorwegstaking en de zorg voor de stakers 465
        Telefoonverbindingen 487
        Spionage 496
        Crossen 512
        ‘Pilotenhulp’ 520
        Nationaal Steunfonds 531
        Gevolgen van verraad 542
        Slot 550

Hoofdstuk 7 — Koot, Thijssen en van Bijnen 556
        Kolonel Koot en de ‘Delta’s’ 560
        Six en de OD 576
        Thijssen en de RW 582
        Van Bijnen en de Knokploegen 610
        Slot 648

Hoofdstuk 8 - De Binnenlandse Strijdkrachten 650
        Steun van buiten 651
        Koots moeilijkheden 657
        De gewestelijke commandanten 666
        De droppings 683
        De BS in actie 689
        Prins Bernhard grijpt in 704
        Verzet en illegaliteit in de hongerwinter 712
        Terugblik op de BS 716

Lijst van illustraties 727

Lijst van kaarten 730

Lijst van tabellen 730








Rijksinstituut Voor Oorlogsdocumentatie / Staatsuitgeverij Den Haag;  
 

28. Boeknummer: 00427  
Alsof het ons eigen kind was Deel 1
Oorlog -- 13.004           (2011)    [Fred Roodenburg]

Alsof het ons eigen kind was
Een terugblik op de redding van meer dan honderd Joodse kinderen tijdens de Tweede Wereldoorlog, georganiseerd vanuit het Noord-Limburgse dorp Tienray
zie ook boek 00428 deel 2

Inhoud Deel 1
1.   Inleiding................................................................. 2
2.   Hoe het allemaal begon.................................................... 8
3.   Piet Meerburg en de Amsterdamse Studenten Groep (A.S.G.)................. 14
4.   De verzetskrant 'Voor de Vrijheid', met toelichting...................... 20
5.   Het 'Plakboek Tienray'................................................... 58
6.   Hanna van de Voort...................................................... 123
7.   Nico Dohmen............................................................. 177
8.   De razzia in Tienray.................................................... 215
9.   Wat de kranten zoal schreven............................................ 269
10.  De Noord-Limburgse pleegouders per dorp (America t/m Melderslo)...... 285
11.  Namenregister - duiknamen en familienamen (Deel 1)..................... 639

Inleiding
Het prachtige ‘Plakboek Tienray’, zie hoofdstuk 5, laat al een bepaalde hoeveelheid Noord-Limburgse gebeurtenissen tijdens de Tweede Wereldoorlog zien, maar de
bedoeling van dit boek is om daaraan een zeer aanzienlijke uitbreiding te geven.
Deze uitbreiding betreft in het bijzonder het zo veel mogelijk in detail bekend maken van de zeer vele en moedige Noord-Limburgse pleegouders en de bij hen tijdens de
Tweede Wereldoorlog ondergedoken joodse kinderen.
Daarbij moet er bemoeienis zijn geweest van de verzetsgroep in Tienray, mede om de omvang van dit boek nog enigszins binnen de perken te houden.

Met veel inspanning is geprobeerd de gegevens van al die pleegouders, zo veel jaar na het einde van die oorlog, te achterhalen.
Geheel volledig zijn deze gegevens niet.
Het was beslist veel te gevaarlijk om tijdens de oorlogsperiode aantekening te houden van welk kind zich waar bevond.
Mochten dergelijke aantekeningen, bijvoorbeeld na een eventueel verraad, door de Duitse vijand worden gevonden, dan zou dat vrijwel zeker tot een grote ramp hebben
geleid. Niet alleen voor de groep van personen die zich bezig hield met het onderbrengen van de joodse kinderen en de joodse kinderen zelf, maar ook voor hun pleegouders.
Gelukkig bleek het mogelijk veel basisgegevens te achterhalen uit de na de oorlog gemaakte aantekeningen uit de persoonlijke herinneringen van vooral Nico Dohmen.
Er is gestreefd naar volledigheid, zowel wat de pleegouders betreft als de joodse kinderen met inbegrip van een beperkt aantal volwassenen.
Ik ben er zeker van daarin niet volledig te zijn geslaagd.
Maar klopt het dan wel allemaal wat er in deze ruime terugblik is beschreven?
Nee, helaas, ook dat niet.
Meer dan vijfenzestig jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog is het een onmogelijke opgave gebleken om alle feiten en feitjes met betrekking tot de Noord-
Limburgse hulp aan ondergedoken joodse kinderen, georganiseerd vanuit Tienray, tot in detail en juist weer te geven.
De betreffende pleegouders zijn nu vrijwel allemaal overleden en zelfs van hun kinderen zijn er thans nog maar weinig in leven.
In een aantal gevallen moest dan de, meestal zeer beperkte, informatie via mondelinge overlevering van de kleinkinderen komen.
Maar ook direct na afloop van die grote en verschrikkelijke oorlog zou een geheel betrouwbare en tot in alle details feitelijke weergave niet mogelijk zijn geweest.
Al was het alleen maar, omdat niet iedereen zich alle details uit die turbulente periode precies had kunnen herinneren.
Dan resteert een zo betrouwbaar mogelijke weergave van wat zich zoal in vooral de periode 1943-1945 heeft afgespeeld.
En die poging is daartoe, met de uitgave van dit boek, ondernomen.
Bij voorbaat dus een verontschuldiging voor alle zaken die ten onrechte in het geheel niet zijn opgenomen of toch niet geheel conform de feiten zijn.

‘Rodt mensen vindt ik het’, schreef een toen 12-jarig joods meisje aan haar ouders.

'In Limburg wonen de humaanste mensen van de wereld’, schreef Mau Peres.


klik op de pijlpunt links voor de volledige inleiding


Dat de pleegouders, gezien vanuit het ondergedoken joodse kind, heel verschillend werden ervaren, blijkt wel uit vorenstaande twee citaten.
Voor een groot deel valt dat ook wel te verklaren, zelfs zonder hierbij een diepgaande analyse te maken.

Al dan niet bestaande problemen waren voor een deel toe te schrijven aan de leeftijd van het betreffende kind en aan de achtergrond van- en de opvoeding door zijn of
haar biologische ouders.
Maar ook de trieste omstandigheden speelden een belangrijke rol.
Mogelijk was ook het feit of het joodse kind een jongen of een meisje was, van invloed. Het lijkt er wel op dat meisjes het tijdens die periode, over het algemeen
gesproken, moeilijker hebben gehad dan jongens.
Maar hoe de ervaringen bij de Noord-Limburgse pleegouders ook zijn geweest, bij de overgrote meerderheid van de joodse kinderen overheerst het gevoel van een al dan
niet grote mate van blijdschap en dankbaarheid, boven die van verdriet.
Nico Dohmen schreef, heel terecht, over de toewijding en het verantwoordelijkheidsgevoel, waarmee de joodse kinderen door de pleegouders werden opgevangen.

Tijdens mijn gesprekken met de nabestaanden van de pleegouders bleek meermalen een bepaalde mate van teleurstelling te bestaan dat het betreffende joodse kind na
de oorlog geen, contact meer heeft gehad met zijn of haar pleegouders.
Dat wil ik hier in geen geval goedpraten.
Wel meen ik, dat erin een bepaald aantal gevallen sprake is geweest van wat je zou kunnen noemen ‘verzachtende omstandigheden’.
Sommige kinderen waren nog te jong om te kunnen weten, waar zij ondergedoken zijn geweest. En een aantal kinderen weet zich, door het grote aantal onderduik-
adressen dat zij hadden, niet meer te herinneren bij welke families dat was of zelfs in welke plaats zij waren. En dan waren er joodse kinderen die zodanig traumatisch ‘uit
de oorlog zijn gekomen’, dat zij in het geheel niets meer met die rampperiode te maken wilden hebben. Die wilden, om zichzelf te beschermen, alleen nog naar de toe-
komst kijken. Toch weet ik, dat ook de kinderen die na de oorlog geen contact meer met hun pleegouders hebben gehad, deze wel degelijk dankbaar zijn geweest.

Door het steeds groter wordende risico van deportatie en de toenemende activiteit van de verzetsgroepen, kwamen de joodse kinderen vooral in de periode september
tot en met december 1943 naar Noord-Limburg.
Er waren ongeveer twee keer zoveel jongens in Noord-Limburg ondergedoken als meisjes. Hun gemiddelde leeftijd op 1 november 1943 was bijna 9½ jaar.
Bijna 2/3 van de in Noord-Limburg ondergedoken joden was in Amsterdam geboren.

‘In Limburg woonden de humaanste mensen van de wereld’, schreef Mau Peres.

Maar waren het dan ook allemaal ‘helden’?
Ik meen van wel, of minstens bijna allemaal.
Volgens het Wolters’ Nederlandse woordenboek is een held ‘iemand die uitblinkt door moed’. Maar de betekenis van het woord ’held’ is tegenwoordig breed.
Het kan worden aangetroffen in elke omstandigheid waarin men iemand bewondert.
‘Je bent mijn held’.
Of, ‘Hij was de held van de dag’.
Waren deze pleegouders ook helden?
De een wellicht meer dan de ander. De risico’s waren weliswaar niet zo goed in te schatten, maar dat de onderdrukkers meedogenloos waren en op een barbaarse
wijze konden toeslaan, was bekend.
Desondanks hielp men vele medemensen, onder wie joodse kinderen.
Wat zou er gebeuren, als er een razzia1 werd gehouden; hoe zou het dan aflopen?
Niemand die dat toen met zekerheid kon voorspellen.
Dus wat te doen?
Een joods kind of een andere bedreigde persoon niet in huis opnemen en daardoor misschien in gewetensnood komen, of toch dat niet te voorspellen risico nemen voor
zo lang de Duitse bezetting zou kunnen duren.
Dan moest men de kans op een lange gevangenisstraf of misschien nog veel erger aanvaarden.
Ondanks die grote risico’s, kozen vele Noord-Limburgers voor het laatste.
En daarom waren het, naar mijn mening, ‘helden’.
Vrijwel allemaal, vrijwel stuk voor stuk.
En dat geldt ook voor die moeder van elf kinderen in Swolgen die, nadat bekend was geworden dat erin de directe omgeving een razzia had plaatsgevonden, enorm bang
was geworden en vond dat haar joodse onderduiker niet langer in huis kon blijven vanwege de enorme risico’s voor haar hele gezin.
Was zij niet ook een ‘heldin’ geweest, zeker tot die fatale datum?
De echtgenoot van die Swolgense moeder stond toen voor een geweldig dilemma.
De jongen toch in huis houden of proberen een ander onderkomen voor hem te vinden. Tot dat laatste werd uiteindelijk besloten!
En wat zou er niet voor vreselijks kunnen gebeuren, als Hanna van de Voort, Nico Dohmen, Curt Loewenstein of één van de anderen van de ‘Groep Tienray’, het
slachtoffer van een razzia zou zijn geworden? Zouden zij dan niet, door de beulen daartoe gedwongen, doorslaan en alles verraden. Wat een enorme risico’s!

In dit boek zijn alleen die joodse kinderen en pleegouders opgenomen, waarvan het waarschijnlijk is dat vooral Hanna van de Voort en / of Nico Dohmen, in welke mate
en in welk stadium dan ook, bij het vinden van een pleegadres betrokken zijn geweest.
Het is bekend dat meerdere joden in Tienray en omgeving voor een langere of kortere tijd ondergedoken zijn geweest, waarvan echter geen betrokkenheid vanuit
de ‘Groep Tienray’ kon worden vastgesteld.
Bijvoorbeeld de op 4 augustus 1922 te Amsterdam geboren Jacob Vecht was, met de duiknaam ‘Dick Korf’, gedurende de periode november 1943 tot november 1944
ondergedoken bij de familie J.M. Lomme-Koppes, Broekstraat B 176 te Broekhuizenvorst. Vanzelfsprekend verdienen die pleegouders even zoveel eer.

Voorts dient te worden opgemerkt dat een groot aantal kinderen op meerdere pleegadressen, ook binnen Tienray en omliggende dorpen, ondergedoken is
geweest. Het bleek vrijwel onmogelijk om de juiste volgorde van die onderduikadressen te achterhalen.

Veel, zeer veel in Noord-Limburg ondergedoken joden hebben hun leven aan deze Noord-Limburgse ‘helden’ te danken.
Daardoor konden zij in de meeste gevallen in leven blijven en later zelf een gezin stichten.
Zij zullen niet hebben verzuimd, hun kinderen en wellicht ook hun kleinkinderen van
hun Noord-Limburgse ‘helden’ te hebben verteld.

Slechts een klein aantal Noord-Limburgse ‘helden’ hebben, al dan niet postuum, meestal op initiatief van de joodse onderduiker, een YadVashem onderscheiding
gekregen. Anderen, die deze onderscheiding misschien nog veel meer verdienden, hebben deze echter, om wat voor redenen dan ook, nooit mogen ontvangen.
Dat maakt het belang van dit boek des te groter.

Het boek ’ln Memoriam’ bevat de namen van de ruim 100.000 Joodse oorlogsslachtoffers, die tijdens de Tweede Wereldoorlog uit Nederland werden gedeporteerd en
van wie geen graf bekend is.
De gegevens in dat boek zijn ontleend aan de gedenkboeken van de Oorlogsgravenstichting in Den Haag.
Het doel van deze gedenkboeken is de Nederlandse oorlogsslachtoffers voor wie geen graf kon worden ingericht op passende wijze te herdenken, opdat zij naam voor
naam in de herinnering voort blijven bestaan.
In dat boek treffen we de namen aan van acht kinderen en twee volwassenen, die in Noord-Limburg ondergedoken zijn geweest en daarom ook vanaf deze plaats worden herdacht.

Het zijn:

Duifje Gans, geboren op 13 juni 1933 in Amsterdam en overleden op 6 september 1944 in Auschwitz.
Duifje Gans was het laatst ondergedoken bij de familie J. Loogman-van Lunteren in Venray.
Duifje werd maar 11 jaar.

Arthur Ginsberg, geboren op 24 maart 1927 in Frankfort am Main en overleden op 16 oktober 1944 in Auschwitz.
Arthur Ginsberg was het laatst ondergedoken bij de familie J. Schoeber-Vollenberg in America.
Arthur werd maar 17 jaar.

Benjamin Ginsberg, geboren op 7 september 1893 in Jedrzejow en overleden op 16 oktober 1944 in Auschwitz.
Hij was de vader van Arthur Ginsberg.
Benjamin Ginsberg was het laatst ondergedoken bij de familie J. Schoeber-Vollenberg in America.
Benjamin werd maar 52 jaar.

Rosa Ginsberg-Rosen, geboren op 10 juni 1897 in Winszniz en overleden op 31 oktober 1944 in Auschwitz.
Zij was de moeder van Arthur Ginsberg.
Rosa Ginsberg-Rosen was het laatst ondergedoken bij de familie J. Schoeber-Vollenberg in America.
Rosa werd maar 48 jaar.

Mathilda Elly Hartogs, geboren op 6 februari 1933 in Amsterdam en overleden op 6 september 1944 in Auschwitz.
Mathilda Elly was het laatst ondergedoken bij de familie P.J.H. Swinkels-Bouten in Oirlo en werd bij de razzia op 6 juli 1944 in Oirlo gearresteerd.
Mathilda Elly werd maar 11 jaar.

Sara Heimann, geboren op 4 oktober 1933 in Amsterdam en overleden op 6 september 1944 in Auschwitz.
Sara was het laatst ondergedoken bij de familie G. Baten-Rongen in Oirlo en werd bij de razzia Op 6 juli 1944 in Oirlo gearresteerd.
Sara werd maar 10 jaar.

Flora de Paauw, geboren op 15 december 1933 in Amsterdam en overleden op 6 september 1944 in Auschwitz.
Floortje was het laatst ondergedoken bij de familie J.H. van Geffen-Nabben in Tienray en werd bij de razzia in de nacht van 31 juli op 1 augustus 1944 opgepakt.
Floortje werd maar 10 jaar.

Willem de Paauw, geboren op 17 december 1934 in Amsterdam en overleden op 6 september 1944 in Auschwitz.
Wimke was het laatst ondergedoken bij de familie F.H. Cruysberg-Huberts en zoon W. Cruysberg, die gehuwd was met Lies Dietz, in Tienray.
Hij werd bij de razzia in de nacht van 31 juli op 1 augustus 1944 opgepakt.
Wimke werd maar 9 jaar.

Louis van Wezel, geboren op 16 mei 1936 in Amsterdam en overleden op 18 oktober 1944 in Auschwitz.
Louis was het laatst ondergedoken bij de familie P.H. Nabben-Meuffels in Tienray en werd opgepakt bij de razzia in de nacht van 31 juli op 1 augustus 1944.
Louis werd maar 8 jaar.

Victor David van Wezel, geboren op 6 maart 1934 in Amsterdam en overleden op 18 oktober 1944 in Auschwitz.
Victor David was het laatst ondergedoken bij de familie J.M. T. van Wanroy-Hermans in Broekhuizenvorst en werd opgepakt bij de razzia in de vroege ochtend van
1 augustus 1944.
Victor David werd maar 10 jaar.

Er bestaat de nodige onduidelijkheid over de datum dat de razzia in Tienray heeft plaatsgevonden.
Bij nader onderzoek blijkt deze ramp zich te hebben voltrokken in de nacht van 31 juli 1944 op 1 augustus 1944, dus feitelijk op dinsdag 1 augustus 1944.
Die datum is in dit boek dan ook steeds aangehouden.

Dit boek had nooit tot stand kunnen komen zonder de hulp van de zeer vele kinderen
en kleinkinderen van de pleegouders van toen.
Ik ben ze, zonder uitzondering, zeer dankbaar.
Mede door hun bijdragen, zowel tekstueel als visueel, zijn de pleegouders niet langer anoniem gebleven.

Ik zou voorts nog heel veel anderen, waaronder Jaap Polak, moeten bedanken voor hun bijdrage aan de totstandkoming van dit boek. En dat doe ik hierbij dan ook!

Maar in het bijzonder bedank ik de Noord-Limburgse medewerking van:
Bert Billekens, Sevenum, Jeu Derikx, Broekhuizenvorst, Leonoor Folkerts-van de Voort, Venray, Door Franssen-Camps, Swolgen, Wim Jochijms, Blitterswijck, Grad
Lenssen, Horst, Jan van Lipzig, Meerlo, Wies Peeters, Broekhuizen, Betsy Snellen-Huberts, Tienray, Sraar Voesten, Grubbenvorst en Bep Vriens-Verstappen, Oirlo.

Veel, heel veel Noord-Limburgse pleegouders die de eer niet wilden maar deze wel verdienden, krijgen deze nu alsnog.
Zij het, helaas, postuum.
Fred Roodenburg, april 2011


Boek, beter, Best Caastricum;  
 

29. Boeknummer: 00428  
Alsof het ons eigen kind was deel 2
Oorlog -- 13.004           (2011)    [Fred Roodenburg]
Alsof het ons eigen kind was
Een terugblik op de redding van meer dan honderd joodse kinderen tijdens de Tweede Wereldoorlog, georganiseerd vanuit het Noord-Limburgse dorp Tienray

Inhoud deel 2
12. De Noord-Limburgse pleegouders per dorp (Oirlo t/m Well)............. 650
13. De joodse kinderen in Noord-Limburg.................................. 868
14. De bijeenkomst te Amsterdam op 4 juni 2003.......................... 1255
15. Afkortingen en begrippen............................................ 1294
16. Namenregister-duiknamen en familienamen (Deel 2).................... 1308
17. Bibliografie........................................................ 1319

Zie ook boek 00427 voor deel 1 en de inleiding behorende bij deel 1 en 2

Boek, beter, Best Caastricum;  
 

30. Boeknummer: 00479  
Princenhage Vroeger en Nu
Historie -- Princenhage, algemeen           (1976)    [Werkgroep Haagse Beemden]

Catalogus tentoonstelling Princenhage Vroeger en Nu op 14-15-16 mei 1976 (t.g.v. de torenhaanfeesten) in de Johanneskerk, Dreef 5 Breda-Princenhage

INHOUD
Lijst van inzenders Voorwoord
I. Archiefstukken 101 t/m 112
II. Kaarten 210 t/m 220
III. Gebeurtenissen 301 t/m 333
VI. Dorpsgezichten 401 t/m 499
          A. algemeen
          B. straten in de kom
          C. gehuchten en buitenplaatsen 501 t/m 531
V. Burgerlijke gemeente
VI. Kerken 601 t/m 674
          A. De St. Martinuskerk te Princenhage
          B. De O. L. V. Hemelvaartkerk te Prinsenbeek
          C. De Johanniskerk te Princenhage
VII Gilden, schutterijen en verenigingen 701 t/m 714
VIII Economisch leven en diversen 801 t/m 806
IX. Literatuur 901 t/m 921
X. Korte schets van de geschiedenis van Princenhage

VOORWOORD.
Ter gelegenheid van de Torenhaanfeesten had het organiserend comité o. a. ook de idee, om naast het terugplaatsen van de haan en kruis op de toren van de Martinuskerk ook
een braderie, een ambachtendorp, festiviteiten en tentoonstellingen te doen plaatsvinden in de oude kern van het dorp Princenhage in Breda.
Voor de historische tentoonstelling richtten zij hun verzoek tot de Werkgroep Haagse Beemden, die er niet lang behoefde over na te denken om ja te antwoorden.
Op de eerste plaats werd door de Werkgroep Haagse Beemden de tentoonstelling 'Het Verleden van Princenhage', welke gehouden werd in 1966 - dus precies tien jaren gele-
den - nog eens goed bekeken. Het bleek dat veel daaruit bruikbaar zou zijn, maar toch ook dat verschillende leemten sinds die tijd gelukkig opgevuld konden worden.
De medewerking werd gevraagd aan de heer Kimmel, conservator van het Stedelijk en Bisschoppelijk Museum te Breda, en de heren Brekelmans en Lohmann, respectievelijk
archivarissen in Breda en Prinsenbeek.
Daarna werd een indeling gemaakt van en voor de tentoonstelling en moest naar een passende ruimte worden gezocht. We kwamen daarbij op de idee om de hervormde kerk,
'De Johanneskerk' aan de Dreef 5 te Princenhage als tentoonstellingsruimte in te richten. We vroegen daartoe toestemming aan de kerkeraad en bij monde van de voorzitter de
heer E.Rutjens werd ons deze gaarne gegeven.
Daarna moest er hard in de weinige tijd, die ieder van ons heeft, gewerkt worden, om een en ander in orde te krijgen. Wij willen ons bij voorbaat dan ook gaarne verontschul-
digen, indien de bezoeker feilen mocht ontdekken in de beschrijving of kritiek wil uitoefenen op de onvolledigheid der verzameling.
Toch willen wij niet nalaten om de vele mensen, die dikwijls zeer spontaan hulp boden, te bedanken.
Wij hopen dat ook deze tentoonstelling 'PRINCENHAGE VROEGER EN NU' in 1976 voor U een interessante kennismaking of vernieuwde kennismaking zal zijn met het verleden
van Princenhage.
Werkgroep Haagse Beemden
Karel Leenders, Herman Dirven, Piet Dekkers, George Dirven, Jan Lodewijk


Organisatie Torenhaanfeesten;  
 

 

Uitgebreid zoeken

Zoekresultaat verdeeld over 3 pagina's, met elk (max.) 30 publicaties:

1   2   3       Volgende       Eind

Laatste wijziging binnen getoonde publicaties: 19 mei 2022