HEEMKUNDEKRING
OP DE BEEK
PRINSENBEEK

Beeldbank Bibliotheek

   
 

Heemkundekring 'Op de Beek' Beeldbank Bibliotheek Zoekresultaat

Aantal gevonden publicaties : 1   (uit: 542)


Uitgebreid zoeken
Gesorteerd op:  Boeknummer

Klik op publicatie voor vergroting en meer informatie

1. Boeknummer: 00401  
De grote oorlog 1914-1918. Kroniek 1914-1918. Deel 32
Oorlog -- Eerste wereldoorlog, algemeen           (2016)    [Redactie L. Dorrestijn, H. v.d. Linden, P. Pierik en R.J. de Vogel]
De grote oorlog 1914-1918. Kroniek 1914-1918. Deel 32. Essays over de Eerste Wereldoorlog

INHOUD
7 VOORWOORD: VAN DE VOORZITTER STICHTING STUDIECENTRUM EERSTE WERELDOORLOG.
11 INLEIDING: VAN DE EINDREDACTEUR.
13 OVER DE AUTEURS
17 JACCO PEKELDER: WILHELM DE LAATSTE. DE DUITSE KEIZER EN ZIJN ADJUDANT IN BALLINGSCHAP IN NEDERLAND 1918-1941.
29 GASTON EYSKENS: PRINSENBEEK IN DE EERSTE WERELDOORLOG.
35 MARCEL PORTEGIES: GEVLUCHTE BELGISCHE KLOOSTERLINGEN EN ZIEKEN IN VEGHEL, 1914-1919.
65 ANK VAN ALTEN: J.P.A. WILHELM (1864-1948). OVERSTE BIJ UITSTEK: EEN LEVENSSCHETS.
97 MICHIEL DE HAAN: DE SOMME IN DE NEDERLANDSE PERS.
217 LUC VANACKER: WAARACHTIGE GESCHIEDSCHRIJVING. (Eerder verschenen in ‘Shrapnel’, vierde kwartaal 2015, WFA België)
227 FREDDY VANDENBROUCKE: DIE KATRIN WIRD SOLDAT. ADRIENNE THOMAS(Eerder verschenen in ‘Shrapnel’, vierde kwartaal 2015, WFA België)
251 RIAN VAN MEETEREN: DE SLAG OM LUIK, 4-16 AUGUSTUS 1914.
267 FREDDY VANDENBROUCKE: LES EPARGES. (Eerder verschenen in ‘Shrapnel’, vierde kwartaal 2015, WFA België)
293 LEO VAN DER VLIET: DE BESTORMING VAN LE QUESNOY DOOR DE 3e NEW ZEALAND RIFLE BRIGADE OP 4 NOVEMBER 1918.
317 TOM VAN HOOFF: ‘MEN HEEFT SOLDAAT BORICAL TERUGGEVONDEN...’
339 INDEX

VOORWOORD BIJ KRONIEK 32
In het jaar 1916, dus precies honderd jaar geleden, gebeurde er aan de fronten van de Eerste Wereldoorlogen in het politiek bedrijf daaromheen enorm
veel. Zware gevechten aan het Zuidfront waar de Italianen de Oostenrijkse legers aan de rivier de Isonzo bevechten. Aan het Oostfront eveneens zware
gevechten met de Russische legers. Aan het hof van Rusland wordt de beschermheer van de tsaar en tsarina, Raspoetin, die grote invloed had op
politieke benoemingen, vermoord. En in Engeland wordt in de loop van het jaar David Lloyd George de nieuwe premier van het land.
Ook in het Midden-Oosten wordt gevochten. Daar strijden de Arabieren tegen de Turken die bondgenoot van Duitsland zijn. De legendarische figuur
'Lawrence of Arabia' wordt adviseur van prins Feisal en krijgt als opdracht contacten te leggen tussen de Arabische leidingen het Britse establishment.
Het is een ware wereldoorlog geworden en die oorlog wordt in het jaar 1916 vooral gekenmerkt door de verschrikkingen aan het Westfront.

Het jaar 1915 was voor de geallieerden aan het Westfront niet al te best verlopen en dit was aanleiding geweest voor de Franse generaal Joffre een
conferentie met alle geallieerde landen te beleggen om het initiatief in 1916 weer terug te krijgen en de oorlogskansen te doen keren. Maar de plannen
daartoe werden min of meer verijdeld vanwege het grote offensief dat de Duitse legers in februari van dat jaar in Verdun inzetten. De Duitse strategie
was om in een smal front van 13 km de stad Verdun in te nemen en dan door te stoten naar Parijs. Verdun, als een zeer symbolische stad in de Franse ge-
schiedenis, zou volgens de Duitse legerleiding tot de laatste man verdedigd worden, zodat bij inneming van de stad niet alleen naar de Franse hoofd-
stad doorgestoten zou kunnen worden, maar dat ook het Franse leger als het ware vernietigd zou zijn. Maar de Franse generaal Pétain was - overigens ten
koste van veel verliezen - in staat Verdun te verdedigen en in al zijn dagorders zijn soldaten op te roepen met de gevleugelde woorden ‘Ils ne passeront pas'
(Ze komen er niet doorheen).
En hoe zwaar de gevechten ook waren, de Duitse legers slaagden er niet in een doorbraak te forceren. De slachting liep door tot in december 1916
en kostte 263.000 soldaten aan beide kanten het leven en ongeveer een half miljoen aan gewonden. Na afloop van dit drama namen de legers aan
beide kanten nagenoeg dezelfde positie in als in februari voordat de vijandelijkheden rond Verdun waren begonnen.

Tussentijds was in juli aan de Somme door de Britse legers een groot offensief gestart, met als bedoeling om ‘Verdun’ te ontlasten en een defini-
tieve doorbraak te forceren. Het plan van de Britse generaal Haig was om na een artilleriebombardement van zeven dagen op 1 juli door de vijandelijke
linies heen te breken. Daarbij werd ervan uitgegaan dat door het bombardement alle Duitse loopgraven en prikkeldraadversperringen zouden zijn
vernietigd. Het zou dan voor de Britse legers, inclusief de ‘Kitchener Army' - vrijwilligers die zich aangemeld hadden - een ‘walk-over' worden. Maar
de Duitse legerleiding, die de Britse voorbereidingen voor deze grote aanval niet was ontgaan, had het leger opgedragen zich tijdens het zeven dagen
durend bombardement goed te verschansen. Dus toen het bombardement ophield namen de Duitse troepen hun posities weer in en zo kon het ge-
beuren, dat toen de zwaarbepakte Britse troepen met hun 'walk-over’ begonnen, de Duitse artillerienesten de ene na de ander golf van soldaten neer-
maaiden. Binnen enkele uren kwamen 21.392 Britse soldaten om het leven en bleven nog eens 35.500 man min of meer ernstig gewond op het slagveld achter.

Ondanksdeze verliezen bleef Haig volharden in nieuwe vervolgaanvallen en zo bleef ook deze slag voortduren tot het einde van het jaar 1916. Aan het
einde van die strijd telden de Britten iets minder dan 500.000 aan doden, vermisten en gewonden; ongeveer evenveel als het totaal aan Britse verliezen
gedurende de gehele Tweede Wereldoorlog'. Franse legers die aan deze slag meevochten leden een verlies van 200.000 slachtoffers en de Duitse ver-
liezen werden geschat op 450.000. In totaal dus verliezen van meer dan een miljoen veelal jonge levens. In deze slag werd door de Britten en Fransen
een gebiedswinst van 10 km gemaakt. Voor elke meter terreinwinst waren 115 man gedood, gewond of vermist.

Niet alleen ter land maar ook ter zee werd in het Westen gestreden. Eind mei 1916 vond de zeeslag bij Jutland plaats tussen Britse en Duitse vlooteen-
heden. Maar liefst 250 meest moderne schepen met rond de 100.000 goed opgeleide zeelieden waren bij deze zeeslag betrokken. Het doel van de
Duitse marine was vooral om de zeeblokkade van de Britten te doorbreken met zeer gerichte vlootacties tegen kleinere eenheden van de Britse vloot en
op die manier te trachten de Britse vloot, die oppermachtig was, zodanig te verkleinen dat een blokkade niet meer effectief uitgevoerd kon worden. De
twee vloten ontmoetten elkaar in de Noordzee nabij Jutland en een intens vuurgevecht brak uit waarbij vele zeebodems in de golven verdwenen. On-
danks de grote Britse overmacht waren de partijen aan elkaar gewaagd en na afloop bleek dat het verlies aan tonnage van de Britse vloot dubbel zo groot
was als die van de Duitse vloot. Het aantal fatale slachtoffers aan Britse zijde was 7.000 man; aan Duitse zijde 3.000. Het geloof in de Britse onoverwin-
nelijkheid ter zee was gebroken.
Het uiteindelijk resultaat van de ‘tactische overwinning’ van de Duitse vloot had uiteindelijk toch geen effect op de Britse zeeblokkade. De Engelse
vloot was en bleef superieur.
Had de slachtpartij van twee tot drie miljoen doden, gewonden en vermisten in dat jaar dan niet tot het besef geleid dat met dit zinloos geweld
gestopt moest worden?
In december 1916 volgden vredesvoorstellen van de Amerikaanse president Woodrow Wilson. Deze werden door Duitse politici overgenomen
met een daaropvolgend voorstel voor een vredesconferentie. De Franse regering onder leiding van Clemenceau antwoordde namens de geallieerden
aan President Wilson. Zij weigerden te praten over vrede tenzij Duitsland bereid was tot teruggave van de bezette gebieden, herstelbetalingen en
garanties.
Maar het stellen van voorwaarden vooraf aan een conferentie is nu niet de beste manier om tot een vergelijk te komen. De kans om de oorlog eind
1916 te beëindigen vervloog daardoor. De bevolking van de oorlogvoerende landen had al teveel offers gebracht; een vrede zonder overwinnaar was aan
de volkeren kennelijk niet meer uit te leggen.
In deze Kroniek nr. 32 wordt weer ingegaan op vele aspecten van de Eerste Wereldoorlog, waaronder ook een met een onderwerp uit het jaar 1916.
Namens het bestuur onze stichting wens ik u, bij de lezing en/of bestudering ervan vele interessante leesuren toe.
Anton Kruft
Voorzitter Stichting Studiecentrum Eerste Wereldoorlog.

Aspekt;  
 

Laatste wijziging binnen getoonde publicaties: 16 januari 2022